-
Hoe tijm overhouden in het volgende jaar / jaren?
Hier is hoe u de functies van uw meter gebruikt voor uw kruiden: 1. Moisture (Bodemvochtigheid in %) Tijm, rozemarijn en lavendel: Geef pas water als de meter onder de 20%zakt. Deze planten haten natte voeten. Basilicum en citroenmelisse: Houd de vochtigheid stabiel tussen 40% en 60%. De grond moet altijd licht vochtig aanvoelen. 2. Fertility (Bodemvruchtbaarheid / Voedingsstoffen) Dit wordt vaak weergegeven in EC of een algemene vruchtbaarheidsindex (8888us/cm). Alle kruiden: Kruiden hebben zeer weinig voeding nodig. Te veel voeding zorgt voor minder smaak. Houd deze waarde laag. Basilicum mag een fractie meer hebben dan lavendel. 3. PH (Zuurtegraad van de grond) Ideale waarde: Richt u op een pH-waarde tussen 6.0 en 7.0. Tip: Lavendel en tijm houden van een kalkrijke grond (richting 7.0). Is de pH lager dan 6.0? Strooi dan een klein beetje kalk rond de lavendel. 4. Temp (Bodemtemperatuur) Ideale waarde: Tussen 15°C en 25°C. Tip: Meet dit in het voorjaar. Basilicum mag pas naar buiten als de bodemtemperatuur constant boven de 15°C blijft. 5. Light (Zonlicht/Lichtintensiteit in Lux) Ideale waarde: Zo hoog mogelijk voor al uw kruiden. Tip: Meet op de plek waar de kruiden staan. Ze hebben allemaal minstens 6 uur direct zonlicht per dag nodig om hun aromatische oliën te ontwikkelen. 6. Humidity (Luchtvochtigheid in %) Dit meet de vochtigheid van de lucht boven de grond. Tip: Basilicum houdt van een iets warmere, minder droge lucht. Let hier vooral op als u de basilicum in een pot of kasje heeft staan. Belangrijke tips voor een juiste meting Schoonmaken: Veeg de metalen pinnen voor en na elke meting schoon met een droge doek. Vuil verstoort de meting. Diepte: Steek de pinnen minstens 8 tot 10 centimeter diep in de grond, vlakbij de wortels van de kruiden. Niet forceren: Duw de meter nooit met geweld in harde grond om de pinnen niet te buigen. Wrik de grond eventueel eerst een beetje los. Wilt u weten hoe u de pH-waarde van uw grond specifiek kunt aanpassen, of wilt u hulp bij het aflezen van een specifieke meting die u nu ziet? U heeft een prachtige, overzichtelijke kruidentuin aangelegd met mooie, gezonde planten. De rozemarijn en lavendel staan er al flink vol bij. Hier is het exacte snoeischema voor de kruiden in uw voortuin: 1. Rozemarijn en Lavendel (De grote struiken) Wanneer: Twee keer per jaar snoeien. Hoofdsnoei (maart/april): Snoei in het vroege voorjaar, zodra de strengste vorst voorbij is. Knip de planten met een heggenschaar of snoeischaar flink terug (ongeveer met een derde tot de helft). Belangrijke regel: Knip nooit in het kale, oude hout onderaan de struik. Als u daar knipt, loopt de plant op die plek niet meer uit. Zomersnoei (augustus/september): Knip direct na de bloei de uitgebloeide bloemstengels en een klein stukje van het groen weg. Dit houdt de struiken compact en voorkomt dat ze vanbinnen kaal worden. 2. Tijm (De lage, kruipende struikjes) Wanneer: Direct na de bloei in de zomer (juli/augustus). Hoe: Knip de plant met ongeveer de helft terug om een compacte vorm te behouden. Ook hier geldt: blijf boven het kale, verhoute deel. In het voorjaar hoeft u alleen eventuele ingevroren, dode takjes weg te halen. 3. Citroenmelisse en Basilicum (De bladplanten) Wanneer: Doorlopend tijdens het groeiseizoen (mei tot september). Hoe bij Citroenmelisse: Knip deze plant regelmatig diep terug als hij te groot wordt. U mag hem in de zomer gerust tot 10 centimeter boven de grond afknippen; hij loopt direct weer fris en groen uit. Hoe bij Basilicum: Pluk nooit losse blaadjes. Knip in plaats daarvan altijd de topjes van de stengels weg, net boven een vertakking (waar twee nieuwe blaadjes groeien). Hierdoor vertakt de plant zich en krijgt u een volle bos in plaats van één lange, sprietige stengel. Haal bloemknopjes direct weg, anders verliest het blad zijn smaak. Wilt u weten hoe u specifieke planten kunt beschermen tegen de winter, of heeft u hulp nodig bij het herkennen van een specifiek kruid op de foto?
-
Druiven met zieke bladeren
Op druiven echte meeldauw behandelen Die witte schijn is zeer waarschijnlijk echte meeldauw (ook wel witziekte genoemd), een hardnekkige schimmel die inderdaad veel voorkomt bij zowel rozen als druiven. [1, 2] Het is goed dat je het hebt weggeveegd, maar de schimmel kan snel terugkomen. Wat is het en hoe herken je het? Uiterlijk: Het ziet eruit als een witte, poederachtige laag op de stengels, bladeren en jonge knoppen. Het belemmert de groei van de plant. Oorzaak: De schimmel gedijt uitstekend bij warm en vochtig weer. Hij verspreidt zich razendsnel via de wind. [1, 2, 3] Wat kun je nu doen? Snoeien en uitdunnen: Zorg voor een goede luchtcirculatie door overtollige of kruisende scheuten weg te snoeien. Hierdoor drogen de bladeren na regen sneller op, wat de schimmel afremt. [1] Natuurlijk bestrijden: Heb je nog sporen gezien of wil je preventief behandelen? Je kunt de plant besproeien met een biologisch middel, zoals een mengsel van 40% (volle) melk en 60% water. [1, 2] Voeding: Geef de druif een goede standplaats in de volle zon en zorg voor een humusrijke bodem zodat de plant sterk en weerbaar blijft. [1] Lees meer over de specifieke behandeling en preventie van deze schimmel op Tuinseizoen of GroenRijk Middelburg.
-
Teeltwedstrijd 2026.. Sperzieboon Purple Queen
Mollen die heb ik ook planten gaan er van kapot prober ze te vangen anders blijven bij jou
daniel.stolk
Leden
-
Registratiedatum
-
Laatst bezocht