Erwten worden in Nederland voornamelijk geteeld om hun peulen met zaden. Wat veel mensen niet weten is dat de jonge scheuten van erwten een zeer smakelijke groente zijn. De scheuten zijn de bovenste jonge blaadjes. De jonge scheuten hebben een verfijnd maar subtiel doperwtensmaakje. Anderen omschrijven ze als een milde, zoete en nootachtige smaak. Erwtenscheuten zijn in Nederland een nog weinig gekende lekkernij. In Engeland vind je de groente regelmatig op de lokale markt en ook in China is de groente gekend als Dau Miu. Erwtenschueten zijn ideaal voor salades en wokgerechten.
Erwtenscheuten telen
Zaai erwten vrij dicht op elkaar in potgrond op 2,5 cm diepte in grote zaaibakken, bloembakken of potten met een diepte van minimaal 15 cm. Bedek met zaaigrond, zet ze op een warm plekje en zorg er voor dat de grond vochtig blijft. In de volle grond zaaien kan natuurlijk ook.
Als de erwten eenmaal gekiemd zijn plaats je ze op een koele maar lichte plaats. Geef regelmatig water en start met het oogsten van de jonge scheuten als de plantjes 5 cm hoog zijn. Erwtenscheuten oogst je als ze nog heel jong zijn. Als de scheuten / ranken 3 weken oud zijn kun je ze oogsten. Pluk ze op een centimeter of 2 van de steel af. Als je een paar blaadjes laat staan per steel groeien er vanzelf weer nieuwe scheuten aan.
Tip
Als zaaigoed kan je prima een pak erwten uit de supermarkt gebruiken.
Teeltfase / Kenmerk | Periode / Afstand |
|---|---|
Zaaien (binnenshuis) | Jaarrond |
Zaaien (direct buiten) | Maart - september |
Uitplanten | Niet van toepassing |
Plantafstand | 2 - 5 cm |
Tussen rijen | 10 - 15 cm |
Oogsten | Jaarrond binnenshuis / April - oktober buiten |
Standplaats | Volle zon tot halfschaduw |
Bodem | Luchtige, humusrijke, vochtige maar goed doorlatende grond |
pH | 6,0 - 7,5 |
Optimale temperatuur | 10- 20 °C |
Teeltduur | 10 - 30 dagen |
Planthoogte | 10 - 25 cm |
Oogstwijze | Jonge scheuten afknippen zodra ze 10 - 20 cm hoog zijn |
Herstelgroei | Vaak 1 - 2 extra oogsten mogelijk na het knippen |
Waterbehoefte | Regelmatig; grond licht vochtig houden |
Winterhardheid | Niet relevant bij binnenteelt; buiten verdragen jonge planten lichte vorst |
Bijzonderheden | Erwtenscheuten worden geteeld voor hun jonge, zoete scheuten en ranken. Ze groeien zeer snel en zijn populair voor salades, wokgerechten en garnering. |
Extra teeltinformatie (belangrijk voor succes)
Voor een goede groei van erwtenscheuten zijn licht, temperatuur en zaaidichtheid belangrijke factoren die vaak worden onderschat. Erwtenscheuten hebben veel licht nodig om stevig en mooi groen te blijven. Wanneer je ze binnen kweekt, is een lichte vensterbank ideaal, maar vermijd direct fel zonlicht in de middag, omdat dit de jonge scheuten kan uitdrogen of laten verbranden. Een gelijkmatige, heldere lichtinval zorgt voor de beste kwaliteit.
De temperatuur speelt ook een belangrijke rol. Erwtenscheuten groeien het best bij een relatief koele omgeving. In te warme omstandigheden worden de scheuten vaak lang en slap, terwijl koelere temperaturen juist zorgen voor compacte, stevige en smaakvolle groei.
Bij het zaaien is de dichtheid cruciaal. Voor erwtenscheuten zaai je veel dichter dan bij normale erwtenteelt. In de praktijk betekent dit dat je de zaden in een dikke, vrijwel aaneengesloten laag uitstrooit, waarbij ze bijna tegen elkaar aan liggen of elkaar licht overlappen. Hoe dichter je zaait, hoe meer jonge scheuten je uiteindelijk kunt oogsten uit een kleine oppervlakte.
In de meeste gevallen hebben erwtenscheuten weinig tot geen ondersteuning nodig, omdat je ze jong oogst voordat ze echt gaan klimmen. Alleen wanneer je ze langer laat doorgroeien, bijvoorbeeld richting jonge erwtenplanten, kan het nodig zijn om lichte steun te geven, zoals een klein rekje of stokken.
Oogst: wanneer en hoe
Het oogsten van erwtenscheuten gebeurt op het juiste moment voor de beste smaak en textuur. Meestal zijn de scheuten klaar om te oogsten wanneer ze ongeveer 10 tot 15 centimeter hoog zijn of wanneer ze 2 tot 3 echte bladparen hebben gevormd. Op dit moment zijn ze nog mals, fris en vol van smaak.
Je oogst door de jonge toppen af te knippen of af te knijpen, meestal zo’n 1 tot 2 centimeter boven de steel. Dit zorgt ervoor dat je het groeipunt goed meeneemt en de scheut het beste eetbaar is.
In sommige gevallen kun je meerdere keren oogsten van dezelfde planten, vooral als je niet te laag knipt en een deel van de plant laat staan. De plant kan dan opnieuw uitlopen en nieuwe scheuten vormen. In de praktijk kiezen veel kwekers er echter voor om na één of twee oogsten opnieuw te zaaien, omdat nieuwe zaaiingen vaak gelijkmatiger en frisser resultaat geven.
Door op deze manier te werken, kun je een continue aanvoer van jonge, malse erwtenscheuten realiseren gedurende het groeiseizoen.
![]()
Variëteiten en zadenkeuze
Voor het kweken van erwtenscheuten kun je verschillende soorten erwten gebruiken, maar niet alle rassen geven hetzelfde resultaat. Suikererwten en doperwten zijn het meest geschikt. Suikererwten hebben vaak wat dunnere, zachtere stelen en een licht zoete smaak, terwijl doperwten iets steviger en voller van smaak kunnen zijn. Beide soorten doen het goed voor het oogsten van jonge scheuten.
Minder geschikt zijn erwtenrassen die vooral geselecteerd zijn voor droge erwtenproductie of extreem grote peulen. Deze groeien vaak trager of geven minder zachte scheuten, waardoor ze minder aantrekkelijk zijn voor jonge oogst als groente.
Je kunt zowel biologisch als regulier zaad gebruiken. Biologisch zaad heeft als voordeel dat het vrij is van chemische behandelingen en vaak beter past bij een duurzame teeltmethode. Regulier zaad is meestal goedkoper en breder verkrijgbaar. Voor erwtenscheuten maakt het eindresultaat in smaak vaak weinig verschil, zolang het zaad maar vers en van goede kwaliteit is.
Opbrengst en planning
De opbrengst van erwtenscheuten hangt vooral af van hoe dicht je zaait en hoe vaak je oogst. In een gemiddelde zaaibak of pot kun je met een flinke, dichte zaai een verrassend grote hoeveelheid jonge scheuten oogsten. Omdat je de planten jong oogst, kun je relatief veel biomassa uit een kleine ruimte halen.
Voor een constante aanvoer is het handig om in etappes te zaaien, ook wel succession planting genoemd. Dit betekent dat je bijvoorbeeld elke één tot twee weken een nieuwe bak zaait. Zo heb je steeds verse scheuten klaar om te oogsten, in plaats van één grote oogstmoment.
Omdat de planten meestal niet volledig uitgroeien wanneer je ze als scheuten oogst, is het in de praktijk vaak beter om na een oogst opnieuw te zaaien in plaats van dezelfde planten steeds opnieuw te laten doorgroeien. Dit geeft de meest frisse en malse scheuten.
Bewaren
Erwtenscheuten zijn het lekkerst wanneer ze zo vers mogelijk worden gegeten, maar je kunt ze wel kort bewaren. In de koelkast blijven ze meestal zo’n 2 tot 5 dagen goed, afhankelijk van hoe vers ze zijn op het moment van oogsten. Het is belangrijk om ze koel en licht vochtig te bewaren om uitdroging te voorkomen.
Een goede manier om ze vers te houden is door ze in een bakje of zak te bewaren met een licht vochtige doek eromheen. Dit helpt om de knapperigheid en frisheid langer te behouden zonder dat ze slap worden.
Invriezen wordt meestal niet aangeraden. Door het hoge watergehalte verliezen erwtenscheuten na het ontdooien hun structuur en worden ze slap en waterig, waardoor ze minder geschikt zijn voor gebruik in salades of als frisse groente.
Het beste is dus om kleine hoeveelheden te oogsten en ze snel te gebruiken, zodat smaak en textuur optimaal blijven.
Gebruik van erwtenscheuten in de keuken
Erwtenscheuten zijn verrassend veelzijdig in de keuken en hebben een frisse, licht zoete en nootachtige smaak die goed past bij zowel koude als warme gerechten. Omdat ze jong en zacht zijn, kun je ze op verschillende manieren gebruiken, afhankelijk van de bereiding en het moment waarop je ze toevoegt.
Een van de populairste manieren om erwtenscheuten te gebruiken is kort roerbakken. Doe dit heel snel op hoog vuur, bijvoorbeeld met knoflook en een beetje sesamolie. Hierdoor behouden de scheuten hun knapperigheid en krijgen ze een extra diepe, licht nootachtige smaak. Let erop dat je ze niet te lang bakt, want dan worden ze slap en verliezen ze hun frisse karakter.
Erwtenscheuten zijn ook heerlijk als topping op Aziatische gerechten zoals ramen, pho of andere noedelsoepen. Je voegt ze meestal pas op het laatste moment toe, zodat ze zacht worden door de warmte van de soep maar nog wel een lichte bite behouden. Dit geeft niet alleen extra smaak, maar ook een frisse, groene afwerking aan het gerecht.
Ook in koude gerechten komen erwtenscheuten goed tot hun recht. Ze zijn lekker in sandwiches, wraps of op brood, waar ze zorgen voor een frisse en knapperige laag tussen andere ingrediënten. In salades kunnen ze als basisgroente dienen of gemengd worden met andere bladgroenten voor extra textuur en smaak.
Daarnaast kun je erwtenscheuten heel kort stomen, maar dit moet echt maar enkele seconden tot maximaal een minuut gebeuren. Zo worden ze iets zachter, maar blijven ze nog steeds fris en licht van smaak.
Erwtenscheuten combineren goed met eenvoudige, pure ingrediënten. Denk aan eieren (bijvoorbeeld in een omelet of roerei), paddenstoelen, sojasaus, citroen, sesam, of lichte dressings op basis van olie en zuur. Deze combinaties versterken hun zachte erwtenaroma zonder het te overheersen.
Rauw eten of niet?
Erwtenscheuten kun je in principe prima rauw eten, en dat is zelfs de meest gebruikelijke manier om ze te gebruiken in salades en sandwiches. Ze zijn dan knapperig en hebben de meest uitgesproken, frisse smaak. Zorg er wel voor dat ze goed schoon zijn en vers geoogst.
Alleen bij mensen met een gevoelige spijsvertering kan rauw gebruik soms wat zwaar vallen. In dat geval is kort verhitten, bijvoorbeeld roerbakken of heel licht stomen, een betere keuze. Dit maakt ze iets zachter en makkelijker verteerbaar, terwijl de smaak grotendeels behouden blijft.
Aanbevolen reacties
Doe mee aan dit gesprek
Je kunt dit nu plaatsen en later registreren. Indien je reeds een account hebt, log dan nu in om het bericht te plaatsen met je account.