Ga naar inhoud
Bekijk in de app

Een betere manier om deze website te gebruiken. Meer informatie.

Moestuin Forum

Een app met volledig scherm op uw startscherm met pushmeldingen en meer.

Om deze app op iOS en iPadOS te installeren
  1. Tik op Deelpictogram in Safari
  2. Blader door het menu en tik op Toevoegen aan startscherm.
  3. Tik op Toevoegen in de rechterbovenhoek.
Om deze app op Android te installeren
  1. Tik op het menu met drie puntjes (⋮) in de rechterbovenhoek van de browser.
  2. Tik op Toevoegen aan startscherm of App installeren.
  3. Bevestig door op Installeren te tikken.

rorror

Moderators
  • Registratiedatum

  • Laatst bezocht

Alles dat geplaatst werd door rorror

  1. Spint, meeldauw, en luis. Zijn geen ziektes. Maar snap de woordkeus.
  2. Inconsistent water geven leidt kan leiden dat knopjes gedroogd afvallen. Dus niet elke dag een scheutje water aan het opervlak, maar meer water geven zodat de hele kluit vochtig is (niet nat). En dan wat langere tussen poses wachten met water geven. Voor de rest zou ik nu de plant groot is, over gaan om een bemesting met lagere Stikstof, en hoger kalium gehalte. Met hoge stikstof kan je kans hebben dat bloemen niet goed vormen en afvallen. Dus zou zeker naar beide gaan kijken. Blijven de bloempjes op een gegeven moment aan de plant zitten. Dan nog een taak, handmatig bestuiven die bloempjes, aangezien de plant binnen staat, en er geen natuurlijke insecten zijn die dat voor jouw kunnen doen.
  3. rorror reageerde op appelvrouw's topic in Fruit en noten
    Ik vind geen enkel gebrek er echt op lijken (behalve magnesium), volgens de onderstaande website: https://www.yara.us/crop-nutrition/melon/nutrient-deficiencies/ Maar dat kan ook misschien komen door de hoeveelheid organische mest, en de wat koudere periode.
  4. Even een fototje van dichterbij maken, en van de onderkant van het blad. Zodat je 100% zeker weet dat het luis is.
  5. rorror plaatste een pagina in Basis
    Groenten Fruit Gewasziektes Bemesting Insecten Bodem Basis Plantenfysiologie Meewerken aan deze Encyclopedie? Wij accepteren graag jullie hulp. Meer informatie hier.
  6. Gebreksverschijnselen N Stikstof 7 P Fosfor 15 K Kalium 19 Mg Magnesium 12 Ca Calcium 20 S Zwavel 16 Fe Ijzer 26 Mn Mangaan 25 Mo Molybdeen 42 Zn Zink 30 Deze pagina is het best te weergeven op een apparaat met muis, zodra de cursor over een link gaat, wordt extra informatie opgehaald. Op mobiele apparaten dien je op de link te klikken om meer informatie te zien. Bij het telen van paprika's en pepers is het essentieel om de gezondheid van de planten nauwlettend in de gaten te houden. Gebreksverschijnselen kunnen zich snel aandienen en verschillende oorzaken hebben, meestal gerelateerd aan nutriententekorten of ongepaste groeiomstandigheden. Het tijdig herkennen van deze symptomen is cruciaal, omdat dit niet alleen de opbrengst van de gewas beïnvloedt, maar ook de algehele kwaliteit en smaak van de vruchten. De bladeren, stelen en vruchten kunnen allemaal aanwijzingen geven over de nutrientenbalans in de grond en de algemene vitaliteit van de plant. Door het onderliggende probleem te identificeren en aan te pakken, kunnen telers ervoor zorgen dat hun pepers en paprika's gezond blijven en optimaal kunnen groeien. Hieronder een aantal voorbeelden van gebreken bij paprika en peper planten. Stikstof Foto MFT @Debbiiieexx 2021 Gele oudste bladeren is een stikstofgebrekssymptoom , stikstofgebrek wordt erger door . In dit geval kan dit ook komen door onverteerde mest , dit was destijds door het lid gemeld. Door het verteren (afbraak en omzetting) wordt er meer stikstof verbruikt door bacteriën in de bodem, dan wat wordt afgegeven in de bodem wat de plant kan gebruiken. Foto 2022 Gele oudste bladeren is een stikstofgebrekssymptoom . Oplossing bemesting geven met iets hogere stikstofgift. Te weinig aan stikstof kan er voorzorgen dat er een groeistop of achterstand ontstaat. Meer voorbeelden van stikstofgebrek: Fosfor Foto 2022 Grijzer uiterlijk van bladeren. Oplossen door hogere dosing van fosfor bemesting toe te passen. Uiterlijk niet verwarren met paarse verkleuring door hoge licht intensiteit. Foto 2022 Bladeren zijn gevlekt, als de vlekken groter worden kunnen deze een grijzig uiterlijk krijgen. Oplossen door hogere dosing van fosfor bemesting toe te passen. Meer voorbeelden van fosforgebrek: Kalium Foto 2021 - Nieuw blad blijft kleiner en donkergroen. - Groeit niet meer de hoogte in, maar wel de breedte in. Op de foto lijkt de groei alleen nog maar horizontaal te gaan. - Onderste bladeren lijken slap en verwelkt, maar bij aanraking voelt het blad nog stug. - Controlleer ook of de PH<+LINK> waarde goed is, te hoge<+LINK> of lage<+LINK> PH kan kalium opname verminderen. Foto 2021 Op de foto zie je chlorose tussen de nerven en aan de bladranden . Tevens necrotische plekken<+LINK> op de oudste bladeren. Duidelijk een kaliumgebrek symptoom . Let op kalium gebrek wordt erger door! Verminderde Opbrengst. Bloemen vallen sneller af, geen vruchtontwikkeling. Meer voorbeelden van kaliumgebrek: Magnesium Foto 2022 Magnesiumgebrek te zien groene nerven geel blad op de oudste bladeren. Oplossing extra magnesium geven, in de vorm van Epson Zout<+LINK>. Foto 2022 Magnesiumgebrek te zien groene nerven geel blad op de oudste bladeren. Oplossing extra magnesium geven, in de vorm van Epson Zout<+LINK>. Meer voorbeelden van magnesiumgebrek: Calcium Foto 2022 Door calciumgebrek kan neusrot ontstaan. Maar dit kan ook komen door als er te droge omstandigheiden zijn, calcium kan alleen door de plant verplaatsen als de plant voldoende water krijgt. Meer kenmerken, slechte bloemontwikkeling, jonge bladeren blijven klein en vervormd. Foto 2022 Door calciumgebrek kan neusrot ontstaan. Door te weinig water krijgen de uiteindes van de vruchten te weinig water toegeleverd waar calcium in zit om de vruchten gezond te houden. Meer voorbeelden van calciumgebrek: Zwafel Foto 2022 Zwafelgebrek te zien aan de jongste bladgroei. Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro-elementen bevatten bevatten. Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro-elementen bevatten bevatten. Meer voorbeelden van zwavelgebrek: Ijzer Foto 2022 Nieuwe groei is geel, dit is een ijzergebrek. Als de PH<+LINK> te hoog<+LINK> of te laag<+LINK> is, kan er ijzergebrek op treden. Bij deze plant op de foto was de ph 6.4 wat juist is. Na het geven van micronutrients<+LINK> van ijzer, is de nieuwe groei weer groen geworden. Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke allemicro-elementen bevatten bevatten. Groene bladeren zullen langzaam steeds geler worden. Meer voorbeelden van ijzergebrek: Mangaan Foto 2025 Mangaangebrek te zien in de bladeren. Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro-elementen bevatten. Foto 2025 Mangaangebrek te zien in de bladeren. Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro-elementen bevatten. Meer voorbeelden van mangaangebrek: Let op! Wij hebben voor de onderstaande gebreksverschijnselen nog geen foto's en onvolledige informatie. Heb je foto's van deze gebreksverschijnselen, stuur ons deze dan toe. Molybdeen Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Wij hebben hier nog geen afbeeldingen van! Heb jij een voorbeeld van een molybdeengebrek, upload de afbeelding met beschrijving hier onder aan de pagina als bijlage. Alvast bedankt! Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Wij hebben hier nog geen afbeeldingen van! Heb jij een voorbeeld van een molybdeengebrek, upload de afbeelding met beschrijving hier onder aan de pagina als bijlage. Alvast bedankt! Meer voorbeelden van molybdeengebrek: Zink Geinfecteerde delen wegknoppen, en bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Te weinig aan zink kan er voorzorgen dat er een groeistop of achterstand ontstaat. Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Wij hebben hier nog geen afbeeldingen van! Heb jij een voorbeeld van een molybdeengebrek, upload de afbeelding met beschrijving hier onder aan de pagina als bijlage. Alvast bedankt! Meer voorbeelden van zinkgebrek: Koper Foto 2025 Bij tekort aan koper sneller kans op schimmelinfecties. Zoals te zien is op de foto. Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Wij hebben hier nog geen afbeeldingen van! Heb jij een voorbeeld van een molybdeengebrek, upload de afbeelding met beschrijving hier onder aan de pagina als bijlage. Alvast bedankt! Meer voorbeelden van kopergebrek: Borium Foto 2025 Nieuwe bladeren vervormd, groeistilstand. Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Kan er voor zorgen dat bloemen en fruit vroegtijding afvallen, onregelmatige vruchtvorming Foto 2022 Oplossing, bemesten met een meststof welke alle micro elementen bevatten. Wij hebben hier nog geen afbeeldingen van! Heb jij een voorbeeld van een molybdeengebrek, upload de afbeelding met beschrijving hier onder aan de pagina als bijlage. Alvast bedankt! Meer voorbeelden van boriumgebrek: {footer-1-content}
  7. Hopenlijk overleven de eitjes het inderdaad. Geen idee wat een merel eet, maar misschien even een goede maaltijd neerzetten bij het schuurtje, hoeft ze niet zo ver weg nu, heeft ze wel verdient.
  8. rorror plaatste een pagina in Insecten
    Lieveheersbeestjes Lieveheersbeestjes & Larven Foto 2022 Foto 2025 Foto 2022 Foto 2022 Foto 2022 Larven van het lieveheersbeestje eten luizen: Foto MFT @acpronk 2021 Foto MFT @acpronk 2021 Foto MFT @acpronk 2021 Foto MFT @Wortel 2021 Foto 2022 Net uit ei gekomen larven: Foto 2021 Verpopping van de larve: Foto 2022 Foto 2022 Foto 2022 Larve eet een bladluis: Video 2025 Aziatisch lieveheersbeestje: Een om deze reden ingevoerde Aziatische soort, het Aziatisch lieveheersbeestje (Harmonia axyridis) blijkt een invasieve soort die in Nederland en België ruimschoots voorkomt. Ze hebben veel verschillende mogelijke tekeningen, van vrijwel oranje tot vrijwel zwart, maar zijn herkenbaar aan de zwarte 'M'-vormige tekening op het halsschild (pronotum) en het van achteren vaak wat geplooide of gedeukte rugschild (elytrum). Het Aziatisch lieveheersbeestje is een agressief roofdier. Bij gebrek aan luizen worden ook andere soorten lieveheersbeestjes, rupsen en vlindereitjes opgegeten, waardoor ze een bedreiging vormen voor inheemse soorten. Als Aziatisch lieveheersbeestje geen andere insecten kan vinden om te eten, kunnen ze ook fruit/druiven eten. Daarmee is er nog een probleem, dat als deze lieveheersbeestjes in de druiventrossen zitten tijdens het plukken, kunnen ze plat gedrukt worden, waardoor de druiven oogst verpest wordt. Bron: https://www.wijnbouwersderlagelanden.nl/algemeen/pas-op-voor-het-aziatisch-lieveheersbeestje/ Fruitschade door Aziatisch lieveheersbeestje Na vogelvraat, eten Aziatisch lieveheersbeestje ook van de peren: Foto MFT @aalterse-willy 2017 (België) Foto's van het Aziatisch lieveheersbeestje, in de Nederlandse moestuin: Foto MFT @Arja 2021 Foto MFT @Arja 2021 Foto MFT @Arja 2021 Soort onbekend: Foto 2021 Foto 2022 Foto MFT @Bearded johnie Vijanden van het zevenstippelig lieveheersbeestje: - Een natuurlijke vijand van het zevenstippelig lieveheersbeestje is een wesp Perilitus coccinellae, die haar eitjes legt in lieveheersbeestjes waardoor deze word geparasiteerd. - Vogels zouden de lieveheersbeestjes wel willen eten maar zo vlug een vogel het waagt, scheiden ze een vieze geelachtige vloeistof uit (reflexbloeden) waardoor de vogel het lieveheersbeestje weer laat vallen. - Mieren zijn voor de meeste larven en volwassen lieveheersbeestjes geduchte vijanden. De mieren zijn immers verzot op de suikeruitscheiding van bladluizen en vallen daarom de lieveheersbeestjes lastig als ze de bladluizen willen komen opeten. Vooral de larven van lieveheersbeestjes kunnen in snel tempo door mieren doodgebeten worden. - Voor alle carnivore lieveheersbeestjes geldt dat de larven elkaar kunnen opeten als er onvoldoende voedsel aanwezig is op de planten waar ze uit de eieren komen. Ze zijn dus natuurlijke vijanden van elkaar. Zo wordt vooral het Aziatisch lieveheersbeestje als bedreiging gezien omdat zij –doordat ze groot zijn- vaak larven van inheemse soorten verorberen. - Spinnen. Lieveheersbeestje is slachtoffer gevallen aan een spin. Foto 2021 Vijanden van het Aziatische lieveheersbeestje: - Naast de vijanden van het zevenstippelig lieveheersbeestje, heeft het Aziatische lieveheersbeestje in Nederland of België geen specifieke vijanden. Cryptolaemus montrouzieri is een lieveheersbeestje dat in de biologische bestrijding wordt gebruikt voor de bestrijding van de schadelijke wolluizen. Het uiterlijk kan verward worden met wolluizen.<+LINK> Bron, meer informatie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Cryptolaemus_montrouzieri Volwassen kever: Foto's van de larve van de larve. Foto's 2022 Eet gewone luizen. Cryptolaemus montrouzieri eet wolluizen: Foto 2022 Verschil tussen Wolluis en Cryptolaemus montrouzieri. Foto 2022 Links wolluis, rechts larve
  9. @fre3ke Dit lijkt er wel op; https://elizabethswildflowerblog.com/2017/04/29/cinquefoils-and-false-strawberry/ edit: 5 lobben, of 5 lobes(engels). Zo noemen ze de vingers aan het blad, daar heb ik opgezocht.
  10. Zou iemand van zijn peper / paprika oogst (meerdere soorten door elkaar heen), een leuke foto kunnen maken in de vorm van een vraagteken. Liefst met een mooie achtergrond. B.v. op een snijplank, of complete witte tafel, of neutrale vloer kleur. Voorbeeld: https://www.moestuinforum.nl/imgupload/ImagesMTF/question-mark-chilli-pepper-hot-quest-concept-made-creative-layout-red-green-peppers-isolated-white-clipping-path-130962047.jpg Zoek dus een foto die niet copyright protected is. (Is voor op deze site, op de moestuin wiki, wat nu onder ontwikkeling is, geen publicatie datum bekend.)
  11. rorror reageerde op De Bloeierij's topic in Groente
    Vaak is het niet magnesium: Magnesiumgebrek wordt erger door: - Bodem met te hoog kalium gehalte. - Koude, natte periodes. (Als de temperatuur hoger word en de bodem meer uitdroogd, lost dit probleem zich zelf op.) - Zandgronden. - Te zure grond. Zoals RobO zegt, eventueel voor magnesium bladvoeding gebruiken: Want strooi je te veel magnesium in het rond, kan dat ervoor zorgen dat andere voedingsstoffen niet meer opgenomen kunnen worden. Heb je al getest of het met wat extra stikstof opknapt? Want dan zou je binnen een paar dagen al resultaat gehad kunnen hebben. Heb je geen stikstof. even een plasje(als je geen medicatie slikt) rond de rode kool doen lol.
  12. En dan met name oververhitting van de bodem, koele lucht erom heen, waardoor de wortels meer water druk opbouwen dan de plant aankan. https://www.greenhousemag.com/article/gm0413-manage-edema-plants/ Met peper planten binnenshuis heb ik dit ook, zodra ze naar buiten gaan lost het probleem bij mij zich vanzelf op. Opsomming van de link.
  13. Edema/oedema wordt dit genoemd.
  14. rorror reageerde op Niek h's topic in Tuinvragen
    Hydrokorrels ok, maar heb je wel afwateringsgaten? Overtollig water moet er echt vrij weg kunnen lopen. Maar als dat in orde is dus niet te nat staat en de wortels er goed uitzien. Dan denk ik niet dat het magnesium tekort is. Symtomen zijn precies anders om. (binnenkant nerf blijft groen, buitenkant vergeeld.) Dit lijkt op b.v. koper of zwavel te kort. Bij koper, vallen de bladeren uiteindelijk ook af.
  15. rorror plaatste een pagina in Plantenfysiologie
    Ademhaling bij plantenAdemhaling is een essentieel proces voor planten. Hoewel het misschien niet zo zichtbaar is als bij dieren, spelen ademhalingsprocessen een cruciale rol in het leven van gewassen. Planten ademen via kleine poriën in hun bladeren, die bekend staan als huidmondjes (stomata), nemen planten zuurstof op en geven ze koolstofdioxide af. Dit proces is vooral actief 's nachts, wanneer fotosynthese stil ligt. Hoe ademen planten?Ademhaling bij planten is het proces waarbij ze suikers en zuurstof gebruiken om energie te produceren. Dit proces vindt voornamelijk 's nachts plaats, wanneer er geen fotosynthese kan plaatsvinden, omdat er geen zonlicht is. In tegenstelling tot fotosynthese, waarbij planten koolstofdioxide (CO2) opnemen en zuurstof (O2) afgeven, nemen planten tijdens de ademhaling zuurstof op en geven ze koolstofdioxide af. Koolhydraten en energie: Planten slaan energie op in de vorm van suikers, die ze tijdens de fotosynthese hebben geproduceerd. Deze suikers worden vervolgens afgebroken in de cellen van de plant om energie vrij te maken. Zuurstofverbruik: Tijdens het afbraakproces van de suikers hebben planten zuurstof nodig. Deze O2 wordt voornamelijk verkregen uit de lucht die door de huidmondjes in de bladeren binnenkomt. Afvalproducten: Een bijproduct van de ademhaling is koolstofdioxide. Dit gas wordt vrijgegeven aan de lucht via dezelfde huidmondjes die zuurstof opnemen. Waarom is ademhaling belangrijk?Het zorgt voor de energie die zij nodig hebben om te overleven en te floreren in hun omgeving. Het begrijpen van dit proces is cruciaal voor ons, zodat wij de beste omstandigheden kunnen creëren voor onze gewassen. EnergievoorzieningNet als bij dieren, is ademhaling de manier waarop planten de energie verkrijgen die nodig is voor hun levensproces. Zonder deze energie kunnen ze niet groeien, zich voortplanten of zich aanpassen aan veranderingen in hun omgeving. Rol in het ecosysteemPlanten spelen een centrale rol in het ecosysteem doordat ze zuurstof produceren en koolstofdioxide opnemen. Tijdens de dag, wanneer fotosynthese plaatsvindt, absorberen ze CO2 en produceren O2. 's Nachts, wanneer fotosynthese stopt, ademen ze nog steeds, wat bijdraagt aan de zuurstofhuishouding in de atmosfeer. Ademhaling via bladeren en wortels: verschillende manieren van gaswisselingPlanten ademen niet alleen via de huidmondjes in de bladeren, maar ook via andere delen van de plant, zoals de wortels. Deze verschillende ademhalingswegen zorgen ervoor dat de plant overal over voldoende zuurstof beschikt en dat energieproductie optimaal plaatsvindt. Ademhaling via de bladerenDe meest bekende en zichtbare manier van ademhaling vindt plaats via de huidmondjes in de bladeren. Deze poriën openen en sluiten afhankelijk van de omstandigheden, en regelen de gaswisseling: Zuurstofopname: Voor de cellulaire ademhaling wordt zuurstof uit de lucht opgenomen. Koolstofdioxide-afgifte: Koolstofdioxide, dat ontstaat tijdens de ademhaling, wordt via dezelfde poriën afgegeven. Kenmerken: Groot oppervlak van bladeren zorgt voor efficiënte gaswisseling. De huidmondjes kunnen zich aanpassen aan de omgeving: bij droogte sluiten ze om waterverlies te beperken. Ademhaling via de wortelsHoewel de wortels niet beschikken over huidmondjes, is er ook gaswisseling mogelijk in de wortelcellen. Dit gebeurt vooral in de subtiele holten en cellen in de wortelweefsels, die direct contact hebben met de bodem. Zuurstofopname: Wortels nemen zuurstof op uit de bodem, vooral in luchtige, goed doorlatende grond. Kooldioxide: Wordt afgegeven aan de bodem, waar het door micro-organismen kan worden afgebroken. Belangrijk: In waterverzadigde of slecht doorlatende bodems kan de zuurstofvoorziening voor wortels beperkt zijn. Dit kan leiden tot wortelverstikking en verstoring van de ademhaling. Sommige planten, zoals moerasplanten, hebben speciale aanpassingen zoals luchtholten (aerenchyma) die zuurstof transporteren naar de wortelcellen in zuurstofarme omstandigheden. Verschillen tussen ademhaling via bladeren en wortels: Aspect Bladeren Wortels Gaswisseling Via huidmondjes in de huid van de bladeren Via cellen en luchtkamers in de wortelweefsels Functie Zuurstof opnemen en koolstofdioxide afgeven voor de cellulaire ademhaling Zuurstof opnemen uit de bodem, vooral in zuurstofarme omstandigheden Aanpassingen Sluiten van huidmondjes bij droogte, regulering van poriën Luchtholten en speciale weefsels voor zuurstoftransport in zuurstofarme bodem Ademhaling bij een stamIn de stengel verspreidt de lucht via de huidmondjes naar binnen en beweegt zich door verschillende delen van de cel om te ademen. Tijdens dit proces verspreidt ook de vrijgekomen koolstofdioxide via de huidmondjes naar buiten. Lenticellen spelen een belangrijke rol bij de gasuitwisseling in houtachtige of hogere planten. Factoren die ademhaling beïnvloedenDe snelheid en efficiëntie van de ademhaling worden door diverse omgevingsfactoren bepaald. Een dieper inzicht in deze factoren helpt bij het optimaliseren van groeiomstandigheden voor gewassen. TemperatuurEffect: Hogere temperaturen verhogen de enzymatische activiteit in de mitochondriën, waardoor de ademhaling sneller verloopt. Dit kan leiden tot een verhoogde energieproductie, maar ook tot stress en beschadiging bij extreme temperaturen. Uitdaging: Bij te hoge temperaturen kan de ademhaling te snel verlopen, wat leidt tot een verhoogd energieverbruik zonder voldoende fotosynthese, en uiteindelijk tot oververhitting en beschadiging van cellen. LichtEffect: Overdag neemt de fotosynthese toe, wat de behoefte aan zuurstof voor de ademhaling kan verminderen omdat de plant meer energie uit de opgeslagen suikers haalt. Bovendien stimuleert licht de opening van huidmondjes, wat de opname van zuurstof en afgifte van koolstofdioxide beïnvloedt. Diepereffect: Bij voldoende licht neemt de fotosynthese toe, waardoor de plant meer suikers produceert en minder afhankelijk wordt van de ademhaling voor energie. Echter, te fel licht kan leiden tot uitdroging en stress, wat weer invloed heeft op de ademhaling. VochtigheidEffect: Een hoge luchtvochtigheid vermindert de verdamping en kan de huidmondjes openen, waardoor gasuitwisseling gemakkelijker verloopt. Aan de andere kant, bij zeer droge omstandigheden, sluiten huidmondjes zich om waterverlies te beperken, wat de zuurstofopname en koolstofdioxide-afgifte vertraagt. Consequence: Een te droge omgeving kan de ademhaling vertragen, wat de energieproductie beperkt, terwijl een te vochtige omgeving de ademhaling kan versnellen, maar ook risico's op schimmelinfecties met zich meebrengt. ZuurstofniveauEffect: Een tekort aan zuurstof (hypoxie) vermindert de efficiëntie van de mitochondriale ademhaling, waardoor de energieproductie afneemt. Dit kan gebeuren in waterverzadigde bodems of in gesloten omgevingen. Aanpassing: Sommige planten, zoals moerasplanten, hebben gespecialiseerde aanpassingen om te overleven in zuurstofarme omstandigheden, zoals luchtholten in de wortels. Verschillen tussen Fotosynthese en AdemhalingFotosynthese Ademhaling Dit proces komt voor bij alle groene planten die chlorofyl pigmenten bevatten. Dit proces komt voor bij alle levende wezens, inclusief planten, dieren, vogels, etc. Voedsel wordt gesynthetiseerd. Voedsel wordt geoxideerd. Energie wordt opgeslagen. Energie wordt vrijgegeven. Is een anabool proces. Is een katabool proces. Cytochroom is vereist. Cytochroom is hier ook nodig. Het is een endotroof proces. Het is een exothermisch proces. Het omvat producten zoals water, zuurstof en suiker. Het omvat producten zoals kooldioxide en waterstof. Stralingsenergie wordt omgezet in potentiële energie. Potentiële energie wordt omgezet in kinetische energie. Vindt plaats overdag in aanwezigheid van zonlicht. Is een doorlopend proces dat gedurende heel het leven plaatsvindt. Soorten AdemhalingEr zijn twee hoofdtypen ademhaling die verschillen in de manier waarop organismen energie verkrijgen uit voedsel en in de omstandigheden waarin ze plaatsvinden. Deze twee typen worden onderscheiden op basis van de aanwezigheid van zuurstof en de mate van voedseloxidatie. Aerobe ademhalingDeze vorm van ademhaling vindt plaats in de mitochondriën van alle eukaryote organismen. Voedselmoleculen worden volledig geoxideerd tot kooldioxide en water, en er wordt energie vrijgemaakt in aanwezigheid van zuurstof. Dit type ademhaling wordt waargenomen bij alle hogere organismen en vereist atmosferische zuurstof. Anaerobe ademhalingDeze vorm van ademhaling vindt plaats in de cytoplasma van prokaryotische organismen zoals gist en bacteriën. Hier wordt minder energie vrijgemaakt doordat voedsel niet volledig wordt geoxideerd in afwezigheid van zuurstof. Tijdens anaerobe ademhaling worden ethanol en kooldioxide geproduceerd. Kopfoto door: Nika Akin
  16. rorror plaatste een pagina in Plantenfysiologie
    Turgor in een plantencelDe turgordruk is de druk van de celinhoud op de celwand (van planten, schimmels of bacteriën). Het celmembraan kan uitzetten, de celwand in principe niet. Turgor wordt veroorzaakt doordat water door osmose de cel in gaat waardoor het celmembraan uitzet. Het effect is enigszins vergelijkbaar met het opblazen van een ballon die zich in een papieren zak bevindt. De celwand is volledig permeabel: water en de daarin opgeloste stoffen (onder meer ionen, suikers en aminozuren) kunnen er ongehinderd doorheen. Het celmembraan is daarentegen semipermeabel: water kan er ongehinderd doorheen, maar de opgeloste stoffen alleen via speciale transporteiwitten. De gezamenlijke concentratie van deze opgeloste stoffen bepaalt de osmolariteit. Hoe meer stoffen er in water opgelost zijn, hoe hoger de osmolariteit. Wanneer de osmolariteit binnen de cel kleiner is dan buiten de cel, is de celinhoud hypotoon en gaat er meer water de cel uit dan erin. Omgekeerd gaat er bij hypertone celinhoud meer water de cel in dan eruit, wat kan zorgen voor druk op de celwand. Dat wordt turgor genoemd. Als de osmolariteit van de celinhoud en de extracellulaire vloeistof even groot zijn, zijn deze isotoon en vindt er geen netto transport van water plaats. Turgor is verantwoordelijk voor de stevigheid van planten. Deze hebben namelijk in tegenstelling tot dieren een celwand om de cel, die als de cel water opneemt door tegendruk stevigheid verleent aan de plant. Het water dat nodig is voor turgor wordt door de wortels van de plant opgenomen. Als de plant door verdamping meer water verliest dan de wortels kunnen opnemen, is het resultaat dat de turgor in de bladeren verdwijnt, en de bladeren of de hele plant slap gaan hangen. Hetzelfde gebeurt als het extracellulaire milieu hypertoon is, ook dan kan de plant niet voldoende water opnemen. Dan is er sprake van plasmolyse. De rol van osmotische druk in plantenOsmotische druk speelt een belangrijke rol bij de opname en verdeling van water in de plant. Door verschillen in de concentratie van opgeloste stoffen verplaatst water zich naar de plaatsen waar het nodig is. Zo kunnen wortels water opnemen uit de bodem en kunnen plantencellen hun stevigheid behouden. Daarnaast helpt dit proces bij het transport van voedingsstoffen. Mineralen die door de wortels worden opgenomen en suikers die in de bladeren worden geproduceerd, worden via de sapstromen door de plant verspreid. Een goede osmotische balans zorgt ervoor dat cellen voldoende water bevatten en optimaal kunnen functioneren. Dit is belangrijk voor een gezonde groei, een goede oogst en sterke planten. Hoe planten hun waterbalans regelenPlanten beschikken over verschillende mechanismen om water vast te houden en waterverlies te beperken. Via kleine openingen in de bladeren, de huidmondjes, regelen ze de opname van koolstofdioxide en het verlies van waterdamp. Bij droogte of extreme hitte kunnen deze huidmondjes zich gedeeltelijk sluiten om water te besparen. Veel planten hebben daarnaast een natuurlijke waslaag op hun bladeren die verdamping vermindert. Andere soorten ontwikkelen diepe wortels waarmee ze vocht uit diepere bodemlagen kunnen opnemen. Sommige gewassen laten tijdens langdurige droogte oudere bladeren verwelken of afsterven, zodat de plant minder water verbruikt en kan overleven. Invloed van omgevingsfactoren op turgorDe turgordruk van een plant wordt niet alleen beïnvloed door de hoeveelheid water die beschikbaar is. Ook de bodemstructuur en de weersomstandigheden spelen een belangrijke rol. Een verdichte bodem kan ervoor zorgen dat wortels zich minder goed ontwikkelen en daardoor minder water opnemen. Ook een hoge concentratie zouten in de bodem of het gietwater kan problemen veroorzaken. In dat geval kost het de plant meer moeite om water op te nemen, waardoor bladeren slap kunnen worden ondanks dat de grond vochtig lijkt. Sterke wind en felle zon verhogen de verdamping via de bladeren. Als de plant sneller water verliest dan de wortels kunnen opnemen, neemt de turgordruk af en kunnen bladeren tijdelijk gaan hangen. Plasmolyse en de gevolgen voor plantencellenWanneer een plant veel meer water verliest dan zij kan opnemen, verliezen de cellen hun stevigheid. Bij ernstige uitdroging kan plasmolyse optreden: het celmembraan trekt zich dan terug van de celwand doordat er te weinig water aanwezig is. In een vroeg stadium kan dit proces nog worden hersteld wanneer de plant opnieuw voldoende water krijgt. De cellen vullen zich dan weer met vocht en de turgordruk keert terug. Duurt de droogte echter te lang, dan kunnen cellen blijvend beschadigd raken of zelfs afsterven. Dit kan leiden tot groeiachterstand, bladschade of het afsterven van delen van de plant. Het belang van turgor voor groei en ontwikkelingTurgordruk zorgt niet alleen voor stevige bladeren en stengels, maar speelt ook een belangrijke rol bij de groei van de plant. Nieuwe cellen kunnen zich alleen goed ontwikkelen wanneer ze voldoende water bevatten. In de moestuin is dit duidelijk zichtbaar bij snelgroeiende gewassen zoals sla, kool, courgette en komkommer. Bij voldoende water groeien bladeren en vruchten beter uit en blijven ze stevig en gezond. Ook het openen van bloemen, de vorming van nieuwe scheuten en het herstel na warme dagen zijn afhankelijk van een goede turgordruk. Een plant met voldoende turgor oogt vitaal, groeit krachtiger en is beter bestand tegen stress door hitte, droogte en andere uitdagende omstandigheden. Daardoor vormt turgordruk een belangrijke basis voor een gezonde en productieve moestuin. Turgor en de stevigheid van moestuinplantenDe stevigheid van een plant wordt voor een groot deel bepaald door de turgordruk: de druk van water in de plantencellen tegen de celwand. Wanneer een plant voldoende water heeft, zijn de cellen gevuld en blijven bladeren, stengels en vruchten stevig en gezond. In de moestuin is dit vooral goed zichtbaar bij kruidachtige gewassen zoals sla, spinazie, kool, courgette en bonen. Deze planten zijn sterk afhankelijk van turgordruk voor hun stevigheid. Bij droogte of op warme dagen verliezen de cellen water, waardoor bladeren slap gaan hangen. Zodra de plant weer voldoende water opneemt, herstelt de turgordruk zich en worden de bladeren weer stevig. Houtige planten, zoals fruitbomen en bessenstruiken, zijn minder afhankelijk van turgordruk voor hun vorm. Hun stevige houtige stengels en takken geven al veel ondersteuning, waardoor ze minder snel slap lijken bij tijdelijk watertekort. Sommige planten, zoals vetplanten en andere droogtetolerante soorten, kunnen water opslaan in speciale cellen. Daardoor behouden zij hun turgordruk langer en blijven ze stevig, zelfs tijdens langere droge periodes. Voor moestuinders is turgordruk vaak een goede indicator van de waterhuishouding van een plant: stevige, frisse bladeren wijzen meestal op voldoende vocht, terwijl slap hangende bladeren een teken kunnen zijn van watertekort, wortelproblemen of extreme hitte.
  17. rorror plaatste een pagina in Bodem
    Zandgrond is een bodemtype dat in veel Nederlandse tuinen voorkomt, vooral in hoger gelegen gebieden zoals de Veluwe, delen van Brabant en Drenthe. Het bestaat hoofdzakelijk uit grove minerale deeltjes (zandkorrels) met relatief weinig klei en silt. Hierdoor heeft zandgrond een losse structuur, grote poriën en een snelle water- en luchtcirculatie. Voor de moestuin is dit zowel een voordeel als een uitdaging, afhankelijk van hoe de bodem wordt beheerd. Eigenschappen van zandgrondZandgrond warmt snel op in het voorjaar doordat er weinig water en organisch materiaal aanwezig is dat warmte buffert. Dit kan leiden tot een vroege start van het groeiseizoen. Tegelijkertijd heeft zandgrond een laag water- en voedingsstofbindend vermogen. Mineralen en voedingsstoffen spoelen sneller uit naar diepere lagen, buiten het bereik van plantenwortels. Dit wordt ook wel uitspoeling genoemd en is een van de belangrijkste beperkingen van zandgrond in de moestuin. De structuur is luchtig en goed doorwortelbaar, wat gunstig is voor gewassen met diepe wortels zoals wortelen, pastinaak en aardappelen. Daarentegen droogt zandgrond snel uit tijdens warme of winderige periodes, waardoor irrigatie vaker nodig is. Koolgroenten kweken op zanderige grond. Foto door MUKESH KUMAR. Voordelen van zandgrond in de moestuinEen belangrijk voordeel van zandgrond is de bewerkbaarheid. De grond is licht en makkelijk te spitten of frezen, zelfs na regenval. Dit maakt het aantrekkelijk voor moestuiniers die snel bedden willen voorbereiden zonder zware kleikluiten te moeten breken. Daarnaast is de drainage uitstekend. Overtollig water wordt snel afgevoerd, waardoor de kans op wortelrot en waterverzadiging klein is. Dit is vooral gunstig voor gewassen die gevoelig zijn voor natte voeten, zoals uien, knoflook en veel kruiden. Een ander voordeel is de snelle opwarming in het voorjaar. Hierdoor kunnen vroege zaaiingen en aanplantingen eerder worden uitgevoerd dan op zwaardere kleigronden. Nadelen van zandgrondHet grootste nadeel van zandgrond is het lage vocht- en nutriëntenvasthoudend vermogen. Regenwater trekt snel door de bodem heen, waardoor opgeloste voedingsstoffen zoals stikstof en kalium gemakkelijk uitspoelen. Hierdoor kan de bodem relatief snel arm worden, vooral bij intensieve moestuinbouw. Ook organische stof breekt sneller af en wordt minder goed vastgehouden. Zonder regelmatige aanvoer van compost of mest zal de bodemstructuur niet verbeteren en zelfs verder verarmen. Tijdens droge periodes kan zandgrond extreem uitdrogen. Planten kunnen dan snel last krijgen van stress, verwelking en groeivertraging. Irrigatie moet daarom frequenter en gericht gebeuren. Foto @Patrijs Uitspoeling van voedingsstoffenUitspoeling is een kernprobleem bij zandgrond. Doordat de poriën groot zijn en water snel door de bodem beweegt, worden opgeloste mineralen meegevoerd naar diepere lagen. Vooral stikstof (nitraat) is gevoelig voor uitspoeling. Dit betekent dat bemesting op zandgrond efficiënter en vaker in kleinere hoeveelheden moet gebeuren. Grote giften meststoffen in één keer zijn minder effectief en leiden tot verlies in plaats van opname door planten. Ook verhoogt uitspoeling het risico op milieuvervuiling van grondwater. Verbeteren van zandgrond met compost en stalmestOm zandgrond productiever te maken, is het toevoegen van organisch materiaal essentieel. Compost en goed verteerde stalmest zijn hierbij de belangrijkste middelen. Door jaarlijks grote hoeveelheden compost in te werken, wordt het humusgehalte verhoogd. Humus werkt als een spons die water en voedingsstoffen beter vasthoudt. Daarnaast verbetert het de bodemstructuur doordat fijne deeltjes zich binden aan organische stof, waardoor het vermogen om water vast te houden toeneemt. Stalmest (goed verteerd) voegt naast organische stof ook langzaam vrijkomende voedingsstoffen toe. Dit helpt om het uitspoelprobleem deels te compenseren. Verse mest moet echter vermeden worden in de moestuin, omdat dit kan leiden tot verbranding van planten en te snelle stikstofpieken met daarna sterke uitspoeling. Mulchen met bladeren, stro of grasmaaisel is een aanvullende strategie. Dit beschermt de bodem tegen uitdroging, vermindert erosie en voedt het bodemleven continu. Bemestingsstrategie op zandgrondOp zandgrond werkt meerdere keren bemesting het beste. In plaats van één grote gift kunstmest of organische mest in het voorjaar, is het effectiever om kleinere hoeveelheden over het groeiseizoen te verdelen. Daarnaast is het gebruik van langzaam werkende organische meststoffen vaak beter dan snel oplosbare minerale meststoffen. Het bodemleven speelt een cruciale rol bij het vrijmaken van voedingsstoffen op een tempo dat beter aansluit bij plantengroei. Foto @Patrijs Topic Bodemleven en structuurverbeteringZandgrond bevat van nature minder actief bodemleven dan rijkere klei- of veengronden. Door het toevoegen van compost en organisch materiaal neemt de hoeveelheid bacteriën, schimmels en regenwormen toe. Dit verbetert niet alleen de vruchtbaarheid, maar ook de structuurstabiliteit van de bodem. Mycorrhiza-schimmels kunnen bijvoorbeeld helpen bij het opnemen van water en voedingsstoffen door plantenwortels, wat vooral waardevol is in droge zandgronden. Veelgemaakte fouten bij zandgrondEen veelvoorkomende fout is overbemesting in één keer, waardoor voedingsstoffen snel uitspoelen en planten alsnog tekorten krijgen. Ook wordt vaak te weinig organisch materiaal toegevoegd, waardoor de bodem op lange termijn steeds armer wordt. Een andere fout is onvoldoende mulchen, waardoor de bodem direct wordt blootgesteld aan zon en wind. Dit versnelt uitdroging en afbraak van organische stof. Capillaire werking (wateropstijging in de bodem)Een vaak onderschat kenmerk van zandgrond is de zwakke capillaire werking. Capillaire werking is het vermogen van de bodem om water vanuit diepere lagen omhoog te trekken naar de wortelzone van planten. Bij zandgrond zijn de bodemdeeltjes relatief groot en zitten er veel luchtporiën tussen. Daardoor ontstaan weinig fijne waterkanalen waarlangs water omhoog kan “klimmen”. Het gevolg is dat water vooral recht naar beneden door de bodem zakt, terwijl de opwaartse bevochtiging beperkt blijft. Dit heeft belangrijke gevolgen in droge periodes: Planten zijn vrijwel volledig afhankelijk van neerslag of irrigatie in de bovenlaag. Dieper bodemvocht blijft grotendeels onbereikbaar. Wortels moeten actief dieper groeien om water te vinden, wat niet bij alle gewassen lukt. Voor moestuinen betekent dit dat oppervlakkig water geven snel leidt tot droge wortelzones, zelfs als de ondergrond nog vochtig is. Bodemtemperatuur en schommelingenZandgrond staat bekend om zijn snelle temperatuurreactie. Omdat er weinig water en organisch materiaal aanwezig is, kan de bodem weinig warmte bufferen. Lees hier meer over bodemtemperatuur. In de praktijk betekent dit: In het voorjaar warmt zandgrond snel op → vroege zaaimogelijkheden. In de nacht of bij koude periodes koelt de bodem snel weer af. Temperatuurverschillen binnen één dag kunnen groot zijn. Dit kan stress veroorzaken bij jonge planten en kiemplanten. Vooral net uitgeplante groenten (zoals courgette, tomaat of paprika) kunnen tijdelijk stilvallen bij koude nachten, zelfs als de dagtemperatuur hoog is. Ook kan snelle opwarming leiden tot versnelde uitdroging van de bovenlaag, waardoor kiemplantjes sneller verdrogen als ze nog ondiep geworteld zijn. Buffercapaciteit en pH-stabiliteitZandgrond heeft een lage chemische buffercapaciteit. Buffercapaciteit is het vermogen van de bodem om pH-veranderingen te weerstaan. Doordat zandgrond weinig kleideeltjes en weinig organische stof bevat, zijn er weinig plekken waar zuren of basen tijdelijk kunnen worden “vastgehouden”. Daardoor kan de pH relatief snel veranderen. Belangrijke gevolgen: Verzuring kan sneller optreden, vooral door zure regen of ammoniumrijke meststoffen. Kalk kan snel uitspoelen en weinig langdurig effect hebben. Planten zijn gevoeliger voor schommelingen in beschikbaarheid van nutriënten. In de moestuin kan dit betekenen dat sommige gewassen (zoals kolen) sneller last krijgen van calcium- of magnesiumtekorten als de bodem niet regelmatig wordt aangevuld met organische stof en/of kalk. Bodemverdichting en “dode zones”Zandgrond staat bekend als licht, luchtig en goed doorlatend, maar dat betekent niet dat ze immuun is voor problemen. Onder invloed van intensief gebruik kan zich juist in deze ogenschijnlijk soepele bodem een onverwachte vorm van verdichting ontwikkelen. Het voelt misschien tegenstrijdig: hoe kan iets dat zo los is, toch “dichtslibben”? Maar precies dat gebeurt wanneer de bodem herhaald wordt belopen of bereden, vooral in natte omstandigheden, en wanneer er te weinig organisch materiaal wordt aangevoerd om de structuur te herstellen. In zo’n situatie raakt de natuurlijke balans verstoord. Het bodemleven, zoals wormen en schimmels die normaal voor luchtigheid en dooradering zorgen, neemt af. Zonder hun voortdurende activiteit en zonder de toevoeging van organische stof begint de bodem als het ware zijn interne architectuur te verliezen. Niet in de vorm van harde, klei-achtige lagen, maar eerder als een subtiele uitholling van kwaliteit. Wat overblijft zijn zones die op het eerste gezicht nog steeds los zand lijken, maar die in werkelijkheid weinig functioneren. De poriënstructuur is slecht ontwikkeld, wortels vinden er moeilijk houvast en dringen minder diep door. Water zakt er soms wel doorheen, maar wordt nauwelijks vastgehouden, net als voedingsstoffen die snel wegspoelen. Tegelijkertijd is er weinig biologisch leven dat de bodem actief houdt en vernieuwt. Zo ontstaan plekken die in de praktijk wel eens “dood zand” worden genoemd. Ze ogen nog steeds als gewone zandgrond, maar ecologisch gezien zijn het verarmde zones geworden waar groei moeizaam is en herstel zonder ingrijpen langzaam op gang komt. Foto @Patrijs Effect van irrigatiemethodeDe manier van water geven heeft op zandgrond een veel grotere impact dan vaak wordt gedacht. Door de snelle doorstroming van water is de irrigatie-efficiëntie sterk afhankelijk van de methode. SproeienWater wordt breed verspreid over het oppervlak. Relatief veel verdamping, vooral bij wind of zon. Grotere kans op uitspoeling van voedingsstoffen. Minder controle over exacte vochtzone bij wortels. DruppelirrigatieWater wordt langzaam en direct bij de wortelzone toegediend. Minimaliseert uitspoeling naar diepere lagen. Houdt vochtconstante beter stabiel. Stimuleert diepere en gezondere wortelontwikkeling. Op zandgrond is druppelirrigatie daardoor vaak aanzienlijk efficiënter en duurzamer, vooral bij intensieve groenteteelt. Kop foto door Erick Ayaucan
  18. rorror plaatste een pagina in Bodem
    Wat is kleigrond?Kleigrond is een type bodem dat bestaat uit heel fijne deeltjes, zo klein dat ze minder dan 0,002 millimeter in diameter zijn. Deze kleideeltjes zorgen voor een dichte en plakkerige structuur, waardoor de bodem stevig en plakkerig wordt. Wanneer het regent, houdt kleigrond veel water vast, waardoor ze nat en kleverig wordt. Bij droog weer wordt de bodem hard en scheurend, alsof ze haar kracht laat zien. De fijne structuur zorgt er ook voor dat kleigrond langzaam opwarmt in de lente, wat invloed heeft op de groei van planten. Kleigrond in NederlandIn Nederland is kleigrond bijzonder veelvoorkomend, vooral in de laaggelegen gebieden zoals de polders en de gebieden rondom de grote rivieren. Deze bodem is ontstaan in de loop van duizenden jaren, toen grote delen van Nederland onder water stonden en sedimenten van klei zich daar ophoopten. Hierdoor heeft Nederland een rijke bodemlaag met veel kleigrond, die zeer vruchtbaar is en ideaal voor de landbouw. De kleigrond in Nederland wordt vaak gebruikt voor het verbouwen van gewassen zoals aardappelen, uien en kool. Echter, vanwege haar structuur en het hoge watergehalte, is het belangrijk dat boeren de bodem goed onderhouden en zorgen voor voldoende afwatering. In sommige gebieden wordt de kleigrond beschermd tegen erosie en wateroverlast door middel van dijken en waterbeheer. Kortom, kleigrond is een belangrijk onderdeel van het Nederlandse landschap en speelt een grote rol in de landbouw en het waterbeheer van het land. De eigenschappen van kleigrondKleigrond heeft verschillende bijzondere eigenschappen. Ze is zeer waterdoorlatend, maar houdt tegelijkertijd veel vocht vast, wat ideaal is voor planten die veel water nodig hebben. Aan de andere kant is kleigrond vaak arm aan lucht, omdat de kleine deeltjes weinig ruimte laten voor zuurstof. Dit kan de wortels van planten belemmeren in hun groei. Daarnaast warmt kleigrond langzaam op, waardoor het soms wat langer duurt voordat gewassen goed groeien na de winter. Voordelen van kleigrondEen groot voordeel van kleigrond is dat ze vol zit met voedingsstoffen. Dit maakt haar zeer vruchtbaar en geschikt voor het verbouwen van gewassen zoals aardappelen, wortelen en kool. Door de hoge voedingswaarde kunnen planten goed groeien, zolang de bodem goed wordt beheerd. Bovendien blijft het water lang in de bodem, waardoor planten niet snel uitdrogen. Voordelen van kleigrondEen van de belangrijkste voordelen van kleigrond is dat hij zeer vruchtbaar is. De fijne deeltjes hebben een groot oppervlak waarop voedingsstoffen zich kunnen binden. Hierdoor blijven mineralen zoals kalium, calcium en magnesium lang in de bodem aanwezig en spoelen ze nauwelijks uit. Voor de moestuin betekent dit dat voeding efficiënter wordt vastgehouden en planten langer kunnen profiteren van bemesting. Daarnaast houdt kleigrond veel water vast. In droge periodes blijft er daardoor relatief veel vocht beschikbaar voor planten, wat de bodem minder afhankelijk maakt van frequente irrigatie. Wanneer de structuur goed is, kan kleigrond bovendien een stabiele en productieve basis vormen voor groenteteelt. Nadelen en uitdagingenDe sterke eigenschappen van kleigrond zorgen tegelijkertijd voor de grootste problemen. Vooral de bewerkbaarheid is sterk afhankelijk van het vochtgehalte. Wanneer de grond nat is, wordt hij zwaar en plakkerig, waardoor bewerking lastig wordt en structuurschade snel optreedt. Wanneer hij droog is, wordt hij juist hard en moeilijk doordringbaar voor wortels en gereedschap. Een ander belangrijk nadeel is het gebrek aan lucht in de bodem. Door de kleine poriën blijft zuurstof beperkt beschikbaar, vooral wanneer de bodem nat is. Wortels kunnen dan moeite hebben om te ademen, wat de groei remt en in sommige gevallen wortelrot kan veroorzaken. Ook de trage opwarming in het voorjaar is een beperking. Planten starten later met groeien, waardoor het seizoen minder vroeg op gang komt dan op lichtere gronden. Water en voeding in kleigrondKleigrond heeft een zeer sterke waterbuffer. Water wordt vastgehouden in de fijne poriën en komt langzaam vrij. Hierdoor is de bodem in staat om droge periodes relatief goed te overbruggen. Tegelijkertijd betekent dit ook dat overtollig water minder snel wegzakt, wat in natte periodes tot waterverzadiging kan leiden. Op het gebied van voeding werkt kleigrond zeer efficiënt. Door de hoge bindingscapaciteit blijven voedingsstoffen lang beschikbaar. Meststoffen worden niet snel uitgespoeld, waardoor bemesting vaak minder frequent hoeft te gebeuren dan op zandgrond. De keerzijde is dat voedingsstoffen soms minder snel vrijkomen, vooral wanneer de bodem koud of slecht belucht is. Minder besproken processen in kleigrondNaast de bekende eigenschappen spelen er in kleigrond een aantal diepere bodemprocessen die vaak minder aandacht krijgen, maar wel essentieel zijn voor het functioneren van de bodem. Een daarvan is het krimp- en zwelgedrag. Kleigrond verandert sterk van volume afhankelijk van het vochtgehalte. Wanneer de bodem uitdroogt, krimpt hij en ontstaan scheuren. Bij natte omstandigheden zet hij juist uit en wordt hij plastisch. Deze voortdurende beweging kan ervoor zorgen dat wortels worden beschadigd of dat de bodemstructuur verandert, vooral bij sterk wisselende weersomstandigheden. Daarnaast is verdichting een belangrijk probleem. Wanneer kleigrond onder natte omstandigheden wordt betreden of bewerkt, worden de fijne poriën samengedrukt. Hierdoor verdwijnt lucht uit de bodem en wordt de structuur dichter en minder doorlatend. Herstel van deze verdichting gaat langzaam en is sterk afhankelijk van biologische activiteit en organisch materiaal. Het bodemleven speelt daarom een cruciale rol. Regenwormen en micro-organismen kunnen de zware klei omzetten in kruimelige structuren door organisch materiaal te verwerken en gangen te maken. Zonder deze biologische activiteit blijft de bodem massief en slecht doorlaatbaar. Ook de gasuitwisseling is een belangrijk, maar vaak onderschat aspect. Door de dichte structuur kan zuurstof moeilijk doordringen, vooral wanneer de bodem nat is. Dit leidt tot zuurstofarme omstandigheden waarin bepaalde nuttige bodemprocessen vertragen en schadelijke anaerobe processen kunnen ontstaan. Beheer van kleigrond in de moestuinGoed beheer is essentieel om kleigrond productief te maken. De belangrijkste verbetering komt niet van één maatregel, maar van een combinatie van structuurverbetering en timing. Het toevoegen van compost en ander organisch materiaal zorgt ervoor dat de bodem luchtiger wordt en beter gaat kruimelen. Tegelijkertijd stimuleert dit het bodemleven, wat op lange termijn de structuur verder verbetert. Groenbemesters en diepe wortelgewassen kunnen helpen om de bodem van binnenuit open te maken. Een cruciale factor is het vermijden van bewerking wanneer de grond te nat is. Op dat moment is de kans op verdichting het grootst en kan de bodemstructuur blijvend verslechteren. Kleigrond vraagt dus niet alleen om aandacht in voeding en structuur, maar vooral om geduld en het juiste moment van ingrijpen.
  19. rorror plaatste een pagina in Bodem
    In Nederland komen verschillende bodemtypes voor, elk met hun eigen eigenschappen en gevolgen voor de landbouw en de moestuin. De vier belangrijkste grondsoorten zijn zandgrond, kleigrond, veengrond en leemgrond. Omdat elke bodem anders reageert op water, voeding en bewerking, is het belangrijk om te begrijpen hoe je hiermee om kunt gaan in een moestuin. In de volgende beschrijving worden alle bodemtypes apart toegelicht. Daarbij wordt gekeken naar hoe de bodem eruitziet en aanvoelt, welke eigenschappen de grond heeft en wat de voordelen en nadelen zijn. Ook wordt uitgelegd welke gewassen er goed op groeien en hoe je de bodem kunt verbeteren om hem geschikt te maken voor een gezonde en productieve moestuin. Op die manier kun je beter inschatten welke aanpak nodig is om het maximale uit jouw tuin te halen, ongeacht de grondsoort. Kleigrond. Leemgrond. Zandgrond. Veengrond. Bron: https://www.wur.nl/nl/show/Grondsoortenkaart.htm
  20. rorror plaatste een pagina in Bemesting
    Fosfor Fosfor: Fosfor is essentieel voor de gewasproductie. Het stimuleert de vroege plantengroei, waardoor de plant een gezonde en krachtige start krijgt. Een van de belangrijkste rollen van fosfor in levende organismen is het overdragen van energie. Organische verbindingen die P bevatten, dragen energie over van de ene reactie om een andere reactie binnen de cellen aan te drijven. Een voldoende beschikbaarheid van fosfor voor planten stimuleert de vroege plantengroei en versnelt de rijping. Daarnaast is fosfor betrokken bij de vorming van eiwitten en DNA. In de natuur komt het element voor in de vorm van fosfaten: verbindingen van fosfor met zuurstof<+LINK>. Bij fosfaatgebrek stagneert de groei en ontwikkeling van het gewas. P Fosfor Fosfor is belangrijk voor: - Het verzekerd zijn van een goede start en verdere groei om een hoge opbrengst te kunnen realiseren. - Bevordert de vruchtzetting<+LINK>, vruchtontwikkeling<+LINK> en een snelle afrijping. - Energieoverdracht, aanmaak van nucleïnezuren<+LINK>, eiwitsynthese<+LINK>, onderdeel van celmembranen<+LINK>. - Koolhydraatmetabolisme<+LINK>. - Nodig voor het aanmaken van chlorofyl. - Goede wortelontwikkeling. Fosforgebrek wordt erger door: - Zure<+LINK> of erg basische (kalkhoudende) gronden<+LINK>. - Weinig organische stof<+LINK>. - Koude<+LINK> of natte omstandigheden<+LINK>. - Gewassen met slecht ontwikkeld wortelsysteem<+LINK>. - Gronden met een laag fosforgehalte<+LINK>. - Gronden met een hoge fosfaatcapaciteit<+LINK>. Fosfor gebrekssymptomen: - Verminderde groei en verwelking, soms met lichte paarsverkleuring. Producten met Fosfor: - Producten Noteren {nog-geen-informatie-1-content} {footer-1-content}
  21. rorror plaatste een pagina in Bemesting
    CalciumCalcium komt in de natuur niet in vrije vorm voor, omdat het een reactief aardalkalimetaal is. Planten nemen calcium daarom op in de vorm van opgeloste calciumionen (Ca²⁺), afkomstig uit verbindingen zoals calciumnitraat, calciumcarbonaat en gips (calciumsulfaat). Calcium is een essentiële secundaire voedingsstof die voorkomt in ongeveer 0,1-5% van de droge stof en noodzakelijk is voor een sterke plantstructuur en normale groei. Opmerking Planten nemen calciumverbindingen zoals calciumcarbonaat niet direct op. Deze verbindingen moeten eerst oplossen, waarna de plant het Ca²⁺-ion via de wortels kan opnemen. Calcium is belangrijk voorDe stevigheid van celwanden, omdat calcium een belangrijk onderdeel vormt van de celwand. Samen met pectinen vormt calcium calciumpectaat, waardoor plantencellen stevig blijven. Een voldoende calciumvoorziening zorgt voor sterkere bladeren, stengels en vruchten. De groei van jonge plantendelen, omdat calcium noodzakelijk is voor celdeling en celstrekking. Omdat calcium nauwelijks verplaatst kan worden binnen de plant, is een constante aanvoer naar jonge bladeren, groeipunten en vruchten essentieel. Een gezonde wortelgroei, doordat calcium de ontwikkeling van wortelpunten stimuleert en zorgt voor een betere wortelstructuur. Een tekort kan leiden tot zwakke wortels en een verminderde opname van water en voedingsstoffen. De regulatie van processen in de plant, omdat calcium een rol speelt bij signaalprocessen in plantencellen en helpt de plant te reageren op stressfactoren zoals droogte, hitte en ziekten. De kwaliteit en houdbaarheid van vruchten, omdat een goede calciumvoorziening zorgt voor stevigere vruchten met een betere houdbaarheid. Vooral bij gewassen zoals tomaat, paprika en courgette is voldoende calcium belangrijk om neusrot (blossom end rot) te voorkomen. Deze vorm past ook beter bij de stijl van de magnesiumpagina: informatief, maar minder "lijstachtig". Je kunt eventueel de vetgedrukte delen zien als tussenkopjes die de lezer snel laten scannen. Calciumgebrek wordt erger doorEen onregelmatige watergift, omdat calcium voornamelijk met de waterstroom door de plant wordt getransporteerd. Droogte of wisselende vochtigheid vermindert de calciumaanvoer naar jonge bladeren en vruchten. Een hoge zoutconcentratie in de bodem, omdat een hoge concentratie aan andere ionen de opname van calcium door de wortels kan verstoren. Een teveel aan kalium, magnesium of ammoniumstikstof, omdat een overschot aan andere positief geladen voedingsstoffen (kationen) kan concurreren met calcium en daardoor de calciumopname door wortels vermindert. Een zure grond (lage pH), omdat calcium bij een lage pH minder beschikbaar kan zijn en elementen zoals aluminium de wortelgroei kunnen remmen. Een snelle groei van de plant, omdat de calciumbehoefte tijdens sterke vegetatieve groei groter kan zijn dan de aanvoer, vooral bij snel ontwikkelende vruchten. Dit sluit qua opbouw goed aan bij de eerdere sectie "Calcium is belangrijk voor" en leest minder als een losse opsomming. Teveel aan CalciumEen teveel aan calcium komt in de praktijk minder vaak voor dan een tekort, maar kan problemen veroorzaken. Een verminderde opname van andere voedingsstoffen, omdat een hoge calciumconcentratie de opname van magnesium, kalium en sommige sporenelementen zoals ijzer en mangaan kan verminderen. Een hogere bodem-pH, omdat veel calciumhoudende meststoffen, zoals kalk, de pH van de bodem verhogen. Hierdoor kunnen bepaalde voedingsstoffen minder beschikbaar worden voor de plant. Voedingsonevenwichtigheden, omdat een overmaat aan calcium kan leiden tot gebreksverschijnselen van andere elementen, ook wanneer deze voldoende in de bodem aanwezig zijn. Een verminderde opname van micronutriënten, omdat bij een sterk verhoogde pH tekorten kunnen ontstaan aan onder andere ijzer, zink en mangaan. Calcium gebrekssymptomenCalcium is een immobiel element binnen de plant. Dit betekent dat calcium niet gemakkelijk vanuit oudere bladeren naar nieuwe groei wordt verplaatst. Daarom ontstaan tekorten vooral in jonge bladeren, groeipunten en vruchten. Vervorming van jonge bladeren, omdat nieuwe bladeren bij een calciumtekort klein, misvormd of gekruld kunnen groeien. Het afsterven van groeipunten, doordat de celdeling wordt verstoord. Hierdoor kunnen de toppen van scheuten en wortels afsterven. Bruine of zwarte plekken op jonge bladeren, doordat beschadiging van celwanden leidt tot het ontstaan van necrotische plekken. Zwakke stengels en bladeren, omdat plantweefsel bij een calciumtekort minder stevig wordt en sneller beschadigd raakt. Neusrot (blossom end rot) bij vruchten, waarbij bij gewassen zoals tomaat en paprika donkere, ingezonken plekken aan de onderkant van de vrucht ontstaan. Dit wordt veroorzaakt door een lokaal calciumtekort in het vruchtweefsel. Hoe een tekort oplossenBij een acuut tekort kan een bladbespuiting met een calciumhoudende meststof tijdelijk helpen, maar de werking is beperkt omdat calcium slecht via de bladeren naar andere plantendelen wordt verplaatst. Bij een structureel tekort moet calcium via de bodem worden aangevuld, zodat de plant gedurende langere tijd voldoende calcium kan opnemen. Controleer eerst de pH van de bodem, omdat kalk (calciumcarbonaat) bij een zure bodem geschikt kan zijn om zowel de pH te verhogen als de calciumvoorziening te verbeteren. Zorg voor een gelijkmatige watergift, omdat een constante vochtvoorziening de opname en het transport van calcium naar jonge plantendelen ondersteunt. Controleer de verhouding tussen voedingsstoffen, omdat een teveel aan kalium, magnesium of ammoniumstikstof de opname van calcium door de wortels kan verminderen. Opmerking Kalkmeststoffen zoals calciumcarbonaat (kalk voor gazon) verhogen de pH van de bodem. Gebruik daarom geen kalk als de bodem-pH al voldoende hoog is. Bij een calciumtekort zonder behoefte aan pH-verhoging kunnen andere calciumbronnen, zoals calciumnitraat of gips (calciumsulfaat), geschikter zijn. Verschil met magnesium-, borium- en kaliumgebrekCalciumgebrek verschilt van magnesium-, borium- en kaliumgebrek doordat calcium niet mobiel is binnen de plant. Hierdoor ontstaan de eerste symptomen niet op oude bladeren, maar op jonge bladeren en groeipunten. Voedingsstof Eerste symptomen zichtbaar op Kenmerkende symptomen Calcium (Ca) Jonge bladeren, groeipunten en vruchten. Nieuwe bladeren zijn vervormd of gekruld, groeipunten kunnen afsterven. Vruchten kunnen last krijgen van neusrot (blossom end rot). Borium (B) Jonge bladeren, groeipunten en vruchten. Groeipunten sterven af, jonge bladeren vervormen en vruchten kunnen misvormd groeien. Lijkt sterk op calciumgebrek omdat borium ook belangrijk is voor celwanden en groei. Kalium (K) Vooral oudere bladeren. Bladranden vergelen en worden later bruin en verdroogd (“randverbranding”). Planten worden slapper en minder bestand tegen droogte en stress. Goede bronnen van calciumMeststof Calcium (%) Opmerkingen Kalk (calciumcarbonaat, CaCO₃) ±40% Ca Langzaam werkende calciumbron. Verhoogt de pH en is vooral geschikt bij zure grond. Dolomietkalk ±20–25% Ca Levert naast calcium ook magnesium. Geschikt bij zure grond met magnesiumtekort. Gips (calciumsulfaat, CaSO₄) ±23% Ca Levert calcium en zwavel zonder de pH sterk te verhogen. Geschikt wanneer alleen calcium moet worden aangevuld. Calciumnitraat ±19% Ca Snelwerkende calciumbron. Levert daarnaast stikstof en is geschikt bij een directe calciumbehoefte. Calcinit (calciumnitraat, Ca(NO₃)₂) ±19% Ca Goed oplosbare en snelwerkende calciumbron. Geschikt voor bemesting via de bodem of fertigatie. Levert daarnaast nitraatstikstof. Compost Laag Draagt op lange termijn bij aan de calciumvoorraad, bodemstructuur en het bodemleven. Opmerking Calcium verschilt van veel andere voedingsstoffen doordat het vooral via de waterstroom in de plant wordt vervoerd. Een plant kan voldoende calcium in de bodem hebben, maar toch een tekort ontwikkelen wanneer de wateropname beperkt is door droogte, wortelproblemen of een slechte bodemstructuur. Daarom wordt calciumgebrek vaak niet alleen opgelost door extra calcium toe te voegen, maar ook door te zorgen voor gezonde wortels, een goede bodemstructuur en een gelijkmatige vochtvoorziening. Toelichting Calcinit Calcinit is een handelsnaam voor calciumammoniumnitraat? Let op: de bekende YaraTera Calcinit is calciumnitraat (Ca(NO₃)₂) en bevat ongeveer 19% calcium (Ca) en 15,5% stikstof (N). Het is volledig oplosbaar en wordt veel gebruikt in professionele teelten en fertigatie. Het voordeel is dat calcium en nitraatstikstof direct beschikbaar zijn voor de plant. Gerelateerde forumtopicshttps://www.moestuinforum.nl/topic/17129-neusrot-in-tomaten/ https://www.moestuinforum.nl/topic/58150-tomaten-blad-wordt-geel-en-neusrot/ https://www.moestuinforum.nl/topic/21556-vraagje-over-neusrot-bij-paprika/
  22. Stikstof Stikstof: Stikstof (N) is de voornaamste voedingsstof voor planten, omdat het een essentiële rol speelt bij de aanmaak van eiwitten, chlorofyl, enzymen, hormonen en meer. Deze verbindingen zijn cruciaal voor belangrijke processen zoals fotosynthese en ademhaling. Hierdoor heeft stikstof een aanzienlijke impact op de groei en ontwikkeling van de plant, evenals op de opbrengst en de kwaliteit van de oogst. N Stikstof Stikstof is belangrijk voor: - Verbeterde opbrengst. - Betere groei/gewasontwikkeling. (Meer bladgroei/groterebladeren). - Bevordert de fotosynthese. - Stimuleert het proces van celdeling en celstrekking. - Nodig voor het aanmaken van chlorofyl. Stikstofgebrek wordt erger door: - Gronden met een lage<+LINK> of hoge<+LINK> pH. - Zanderige<+LINK> of lichte gronden (uitspoeling)<+LINK> - Laag gehalte organische stof<+LINK> in de bodem. - Droge omstandigheden<+LINK>. - Hoge neerslag (uitspoeling<+LINK>) of intensieve irrigatie(overwatered<+LINK>). - Gift van vers organisch materiaal of een hoog gehalte van niet verteerd organisch materiaal<+LINK> of verse stalmest<+LINK> of stro.<+LINK> - Snel groeiend gewas.<+LINK> - Te veel houtsnippers gemengd in de bodem, in plaats van op de bodem.<+LINK> Te veel aan stikstof: - Veroorzaakt veel blad groei, waardoor de plant minder focus legt op bloeien en vruchten. - Blad/wortelverbranding. Te weinig aan stikstof: - Gele of lichtgroene bladeren: Vooral de oudere bladeren kunnen verkleuren. - Slechte groei: Planten groeien trager en zijn minder robust. - Minder opbrengst: De opbrengst van het gewas kan verminderen. Stikstof gebrekssymptomen: - Eerste signalen vergeling van de oudste/onderste bladeren. Voorbeeld bij Pepers. - Hierna kunnen de oudste onderste gele bladeren afvallen. - Later stadium gehele plant kan geen worden. Stikstof aan de grond toevoegen door middel van andere planten: - Groenbemesters<+LINK>. Wist je dat? Atmosferische stikstof is het belangrijkste reservoir van stikstof in de gehele Stikstof-cyclus, lucht is 79 procent stikstof(N2)-gas. Helaas kunnen de meeste planten niet direct stikstof uit de lucht halen. Maar nodule-vorming Rhizobium bacteria kan door symbiose<+LINK> met de wortels van de plant, stikstof uit de lucht halen, en deze ruilen voor andere mineralen en suikers van de plant. Bonen maken b.v. stikstofbolletjes<+LINK> aan. Na het oogsten van de plant, blijven deze stikstof bolletjes achter, of op de composthoop. Wat later weer voor meer stikstof in de grond zorgt. Hogere stikstofgift: Met een hogere stikstofgift bedoelen we het toepassen van meststoffen die een hoog gehalte aan stikstof bevatten. Bijvoorbeeld, een meststof met de volgende waarde: - NPK 18-8-12 (Stikstof(N)-Fosfor(P)-Kalium(K)) Producten met Stikstof: - Producten Noteren {footer-1-content}
  23. rorror plaatste een pagina in Bemesting
    Kalium Kalium: Door de hoge reactiviteit van kalium, komt kalium in de natuur alleen maar voor in de vorm van zouten. Onderandere in kaliumsulfaat(+Link), kaliumchloride(+Link). In organische meststoffen(+Link). zoals drijfmest/stalmest is kalium onder chloridische vorm(+Link). aanwezig, terwijl minerale meststoffen(+Link). worden aangeboden in sulfatische en in chloridische vorm. Kalium is belangrijk voor: - Meer wortelgroei, en verberterde weerbaarheid tijdens droogtes. - Betere winterhardheid. - Betere fruit & bloem kwaliteit. - Onderhoudt fotosynthese. - Bevorderd vruchtaanzet en grotere vruchten. - Onderhoudt turgordruk; verminderd waterverlies en verwelking. - Door turgordruk vergroting vindt er celstrekking en vergroting van het bladoppervlak plaats. - Verbeterd opengaan van huidmondjes<+LINK> voor opname van CO2. - Verbeterd ademhaling, voorkomt energieverlies. - Verbeterd transport van suikers<+LINK> en zetmeel<+LINK>. - Verhoogt het eiwitgehalte<+LINK> in planten. - Bouwt met minder vertraging cellulose<+LINK> op. - Helpt bij het vertragen van gewasziekten. Kaliumgebrek wordt erger door: - Zure grond (lage pH) - Zanderige of lichte grond (uitspoeling) - Droge omstandigheden<+LINK>. (Bodem veranderd in: 1. Niet beschrikbare Kalium) - Hoge neerslag (uitspoeling) of intensieve irrigatie<+LINK> - Zware kleigrond (illiet) - Gronden met een laag kalium gehalte. - Te veel magnesium in de bodem. Teveel aan Kalium: - Kan wortelverbranding veroorzaken. - Kan een calcium- en magnesiumtekort veroorzaken in de plant. - Overmatige toevoer van kaliumchloride<+LINK> kan een negatief effect hebben op de opbrengst van vrucht of knolgewassen. Kalium gebrekssymtomen: - Nieuw blad kleiner en donkergroen. - Groeit bijna niet meer de hoogte in. Lengtegroei neemt af. Groeit nog wel de breedte in. - Blad wat naar beneden hangt, lijkt. Bij aanraking voelt het blad nog stug. - Chlorose tussen de nerven aan de bladranden. - Necrotische<+LINK> plekken op de oudste bladeren. Sleutelfactoren: - Meer vocht (niet nat) in de bodem betekend vaak dat kalium in grotere mate beschikbaar is. Verhogen van bodemvocht verhoogt de transport van kalium naar de plant wortels en verbeterd de beschikbaarheid(2 .Langzaam beschrikbare kalium.). - Wortels hebben zuurstof<+LINK> nodig om te aandemen en kalium te kunnen opnemen. Als de bodem verzadiging<+LINK> raakt met vocht, dan neemt wortel activiteit en de opname van kalium af. Zuurstof<+LINK> gehaltes zijn erg laag in verzadigde<+LINK> bodems. - Optimale grond warmte is 15 tot 27Celcius. Kalium beschrikbaarheid neemt af met lagere bodemtemperaturen. Beschikbare kalium producten: - Patentkali (google) - - {footer-1-content}
  24. PH

    rorror plaatste een pagina in Bodem
    Wat is PH?De pH geeft de zuurgraad (ook wel de zuurtegraad genoemd) van een waterige oplossing weer. De zuurtegraad van de bodem is van invloed op opname van voeding die de plant via de wortels tot zich neemt. Ook is de pH-waarde van levensbelang voor een actief bodemleven en medebepalend voor de grondstructuur. Het zegt alles over de vruchtbaarheid van de grond waar de plant zich wortelt. De pH-waarde (zuurgraad) van de grond in je moestuin geeft aan hoe zuur of basisch (kalkrijk) de bodem is. Dit wordt gemeten op een een schaal van 0 tot 14. Tussen elke stap zit een factor 10. pH5 is dus 10x zuurder dan pH6 en pH5 is 100x zuurder dan pH7. pH lagen dan 7 = zuur pH gelijk aan 7 = neutraal pH hoger dan 7 = basisch (kalkrijk) Zuurminnende plantenWanneer de grond juist zuur is, dus de pH-waarde lager ligt dan ongeveer 6,5a7, spreken we van een zure bodem. In zo’n bodem voelen zuurminnende planten zich het beste thuis, omdat bepaalde voedingsstoffen daar beter beschikbaar zijn. Voorbeelden van zulke planten zijn onder andere bosbessen, aardappelen en rododendrons. Bij een te zure grond kun je de pH verhogen door kalk toe te voegen, zoals tuinkalk of dolomietkalk. Ook het toevoegen van compost en het verbeteren van de bodemstructuur kan op de lange termijn helpen om de zuurgraad te stabiliseren. Kalkminnende plantenWanneer de grond juist niet zuur is, spreken we van een alkalische bodem, ook wel kalkrijk genoemd. Als de pH boven de 7 ligt, is er sprake van een kalkhoudende, alkalische bodem. In dit type grond gedijen kalkminnende planten goed, zoals koolsoorten, lavendel en sommige kruiden. Bij een te alkalische grond kunnen bepaalde voedingsstoffen, zoals ijzer en mangaan, minder goed worden opgenomen. Om de pH te verlagen kun je organisch materiaal toevoegen zoals compost, turf of zure bodemverbeteraars. Ook het vermijden van extra kalk is belangrijk om de bodem geleidelijk weer in balans te brengen. Waarom is pH belangrijk in de moestuin?De pH bepaalt hoe goed planten voedingsstoffen uit de grond kunnen opnemen. Als de pH niet goed zit, kunnen planten zelfs mét genoeg mest toch slecht groeien. Als er te veel meststoffen worden gegeven of de pH waarde is veels te zuur kan er wortelverbranding optreden. Wat is ideaal voor een moestuin?Voor de meeste groenteplanten is een pH van ongeveer 6,0 tot 7,0 (licht zuur tot neutraal) ideaal. Zorg er dus voor dat de PH waarde goed blijft, anders kan dat belebberen in opname van voedingstoffen. Hiernoemen we een aantal groentes op met hun gewenste PH waarde: Peper en paprika planten hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 6,8. Tomaten hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 6,8. Komkommers hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Sla (lettuce) heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Wortelen hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 6,8. Aardappelen hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 5,0 tot 6,0. Uien hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Knoflook heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,5. Broccoli heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,5. Bloemkool heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,5 tot 7,5. Witte kool (koolsoorten) hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,5 tot 7,5. Spinazie heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,5. Courgette heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,5. Bonen hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Erwten hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,5. Aubergine heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 5,5 tot 6,5. Bleekselderij heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Bieten hebben een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Radijs heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. Prei heeft een pH-waarde nodig van ongeveer 6,0 tot 7,0. pH en opname van voedingsstoffen in de moestuinEen te lage pH (te zure grond) belemmert planten bij de opname van fosfor, calcium, kalium en magnesium Een te hoge pH (te basische grond) belemmert planten bij de opname van borium, koper, zink, mangaan en ijzer. Hieronder een volledige tabel per voedingsstof. Voedingsstof Functie in plant Beste beschikbaarheid pH Problemen bij afwijkende pH Stikstof (N) Groei blad, stengels 6,0 – 8,0 Slechte opname bij lage pH (<5,5) Fosfor (P) Wortelgroei, bloei, vruchtvorming 6,0 – 7,0 Wordt vastgelegd in zure én zeer basische grond Kalium (K) Sterkte, waterhuishouding 6,0 – 7,5 Minder opname bij zeer zure grond Calcium (Ca) Celwanden, groei, rotpreventie 6,5 – 8,0 Tekort bij lage pH (zure grond) Magnesium (Mg) Chlorofyl (groen blad) 6,0 – 7,5 Slechte opname in zure grond Zwavel (S) Eiwitvorming 6,0 – 8,0 Meestal stabiel, weinig pH-problemen IJzer (Fe) Chlorofylvorming 4,5 – 6,5 Tekort bij hoge pH, gele bladeren Mangaan (Mn) Enzymactiviteit 5,0 – 6,5 Tekort bij hoge pH Boor (B) Bloei, vruchtzetting 5,5 – 7,0 Tekort bij zowel te zuur als te basisch Koper (Cu) Enzymen, groei 5,0 – 7,0 Tekort bij hoge pH Zink (Zn) Groei, hormonen 5,5 – 7,0 Tekort bij hoge pH Molybdeen (Mo) Stikstofopname 6,0 – 8,0 Uniek: slechter beschikbaar in zure grond Chloor (Cl) Waterbalans 6,0 – 8,0 Zelden tekort Hoe kan men de pH testen?Het testen van de pH-waarde van de bodem in de moestuin kan op verschillende manieren. De twee meest gebruikte methoden zijn pH-teststrips en een pH-meter. Beide geven een goede indicatie van de zuurgraad van de grond, maar verschillen in nauwkeurigheid en gebruiksgemak. Hoe testen met pH-teststripspH-teststrips zijn een eenvoudige en goedkope manier om de zuurgraad van de bodem te meten. Je begint door een kleine hoeveelheid aarde uit je moestuin te nemen. Deze meng je met gedestilleerd water in een schoon potje of beker. Het mengsel laat je even staan zodat de grond kan bezinken. Vervolgens doop je de pH-teststrip in het watergedeelte van het mengsel. Na enkele seconden verandert de kleur van de strip. Deze kleur vergelijk je met de kleurenkaart die bij de teststrips zit. Op die manier kun je aflezen of de grond zuur, neutraal of basisch is. Deze methode is snel en handig, maar minder precies omdat de meting kan worden beïnvloed door de kwaliteit van het water en de gronddeeltjes. Hoe testen met een pH-meterEen pH-meter is een elektronisch apparaat dat de zuurgraad van de bodem nauwkeuriger kan meten. Voor gebruik steek je de sonde van de meter direct in vochtige grond, of in een mengsel van aarde en water (afhankelijk van het type meter). Het apparaat geeft vervolgens een pH-waarde weer op het scherm. Sommige meters geven direct een digitale waarde, waardoor je precies kunt zien hoe zuur of basisch de bodem is. Voor een betrouwbare meting is het belangrijk om de sonde schoon te houden en regelmatig te kalibreren met speciale kalibratievloeistoffen. Ook is het verstandig om op meerdere plekken in de moestuin te meten, omdat de pH per locatie kan verschillen. Kalken met kalkkorrels in de moestuin of het gazon.Korrelkalk, ook wel granulaire tuinkalk genoemd, is een kalkproduct dat bestaat uit kleine korrels die je eenvoudig over de grond van je moestuin kunt strooien. Deze korrels lossen langzaam op door regen en bodemvocht, waardoor de pH-waarde van de bodem geleidelijk stijgt. Het is dus een zachte en langdurige manier om de zuurgraad van de grond te verbeteren zonder dat er plotselinge veranderingen ontstaan. Er zijn verschillende soorten korrelkalk die elk hun eigen werking hebben. Zo is er tuinkalk, meestal gebaseerd op calciumcarbonaat, die vooral gebruikt wordt om de pH te verhogen. Dolomietkalk bevat naast calcium ook magnesium en is daardoor extra geschikt wanneer de bodem ook een magnesiumtekort heeft. Daarnaast bestaat er magnesiumkalk, die specifiek wordt ingezet om het magnesiumgehalte in de bodem aan te vullen. Lees hier meer over het kalken van de moestuin of het gazon. Producten om pH te verhogen voor hydroponicsIn hydroponics (hydrocultuur) is het belangrijk om de pH-waarde van het voedingswater goed in balans te houden. Als de pH te laag is (te zuur), kun je deze verhogen met de volgende producten: Kaliumcarbonaat Plagron PH plus Canna pH+ (sterk geconcentreerd, kaliumhydroxide) Plagron pH Plus HESI pH Plus Terra Aquatica pH+ General Hydroponics pH Up (vaak ook verkocht onder Terra Aquatica) Pas op! Met pH+-producten die kaliumhydroxide bevatten. Dit stof werkt snel, waardoor een kleine hoeveelheid al voldoende kan zijn om de pH te verhogen. Doseer daarom voorzichtig en controleer de pH regelmatig. Producten om pH te verlagen voor hydroponicsWanneer de pH-waarde te hoog is (te basisch), kun je deze verlagen met: Plagron PH min Canna pH- HESI pH Down BioBizz Bio·Down (organisch, citroenzuurbasis) Terra Aquatica pH- Citroenzuur Pas op! Professionele pH− (fosforzuur) is stabieler, beste keuze voor hydroponics, Organische pH− (citroenzuur) is milder, maar minder stabiel op lange termijn. Tip! In hydroponics is het belangrijk om de pH regelmatig te meten, omdat voedingsoplossingen sneller kunnen schommelen dan in gewone grond. Eierschalen of schelpen in de bodem.Schelpen en eierschalen kunnen in de moestuin gebruikt worden als een zeer langzame bron van calcium en hebben in zekere mate invloed op de bodem. Beide materialen bestaan grotendeels uit calciumcarbonaat, dezelfde stof die ook in tuinkalk voorkomt. Wanneer je ze in de grond brengt, begint de afbraak door vocht en zuren in de bodem, maar dit proces verloopt erg langzaam en hangt sterk af van de grootte van de deeltjes. Grove stukken schelp of eierschaal breken maar heel langzaam af omdat alleen het buitenoppervlak in contact komt met de bodem. Daardoor kan het jaren duren voordat ze volledig zijn aangetast. Fijnere deeltjes hebben juist een veel groter contactoppervlak, waardoor ze sneller worden afgebroken en dus ook iets sneller calcium afgeven aan de bodem. Toch blijft ook dit proces relatief traag vergeleken met producten zoals tuinkalk of dolomietkalk, die speciaal zijn ontwikkeld om de pH van de bodem sneller te beïnvloeden. In de praktijk betekent dit dat schelpen en eierschalen vooral worden gezien als een natuurlijke, langzaam werkende bodemverbeteraar in plaats van een snelle oplossing voor zuurgraadproblemen. Ze kunnen helpen om op lange termijn calcium toe te voegen aan de bodem, maar zijn minder geschikt wanneer de pH snel gecorrigeerd moet worden. Daarom worden ze vaak gebruikt als aanvulling, terwijl kalkproducten de hoofdrol spelen bij het effectief sturen van de bodem-pH.
  25. rorror plaatste een pagina in Bemesting
    MagnesiumMagnesium komt in de natuur niet in vrije vorm voor, omdat het een zeer onedel metaal is. Planten nemen magnesium daarom op in de vorm van opgeloste magnesiumionen (Mg²⁺), afkomstig uit verbindingen zoals magnesiumsulfaat, magnesiumcarbonaat en magnesiumoxide. Het is een essentiële macro-voedingsstof die wordt aangetroffen in 0,2-0,4% droge stof en is noodzakelijk voor normale plantengroei. Opmerking Planten nemen geen magnesiumoxide of magnesiumcarbonaat direct op. Deze verbindingen moeten eerst oplossen, waarna de plant het Mg²⁺-ion opneemt. Magnesium is belangrijk voorStimulatie fotosynthese daardoor meer energie wat zich uit in een betere groei en hoge opbrengsten. Is het centrale atoom van het chlorofylmolecuul in plantenweefsel. Resultaat van magnesiumtekort resulteert in het tekort aan chlorofyl wat leidt tot slechte en onvolgroeide planten. Helpt ook om kritische enzymsystemen te activeren. Waaronder ribulose-1,5-bisfosfaatcarboxylase/oxygenase (RuBisCO) en fosfoenolpyruvaatcarboxylase (PEPC), die essentieel zijn voor de koolstoffixatie. Een magnesiumtekort resulteert in een verminderde fotosynthese en een lagere enzymactiviteit binnen de plant. Magnesium is ook cruciaal voor het stabiliseren van ribosoomstructuren, daarom leidt een gebrek aan magnesium tot depolymerisatie van ribosomen, wat resulteert in versnelde veroudering van de plant. Magnesiumgebrek wordt erger doorBodem met te hoog kalium gehalte. Koude, natte periodes. Als de temperatuur hoger wordt en de bodem meer uitdroogt, lost dit probleem zichzelf op. Zandgronden (Door snelle uitspoeling). Zure grond (pH). Aluminiumvergiftiging. Teveel aan MagnesiumRemt de opname van calcium en kalium af, met gebreksverschijnselen als gevolg. Gelimiteerde opbrengst, en kans op neusrot (blossem end rot) (door geremde opname van calcium) Minder wortelgroei (door geremde opname van kalium). Plant vertoont algemene symptomen van een teveel aan zouten. Groeiachterstand en donkerkleurige of donkergroene vegetatie. Magnesium gebrekssymtomenMagnesium is een mobiel element binnen de plant en gebrekssymtomen zullen het eerst zichtbaar zijn in de oudste bladeren. Vergeling tussen de nerven. Nerven blijven groen. Na langdurig magnesiumtekort treedt necrose en uitval van oudere bladeren op. Planten met een tekort aan magnesium kunnen ook kleinere, houtachtigere vruchten produceren. Foto Windy Craig Magnesium gebrek, vergeling tussen de nerven waarbij de nerven blijven groen. Hoe een tekort oplossenBij een acuut tekort: bladbespuiting met bitterzout. Bij een structureel tekort: magnesium via de bodem aanvullen. Controleer eerst de pH. Controleer ook of er geen overmaat aan kalium is. Een teveel aan kalium kan de opname van magnesium remmen. Pas de kaliumbemesting zo nodig aan. Opmerking Patentkali bevat zowel kalium als magnesium en kan daardoor bijdragen aan de magnesiumvoorziening van planten. Alleen wanneer er sprake is van een overmaat aan kalium - uit patentkali of een andere kaliummeststof - kan de opname van magnesium door de plant worden geremd. Controleer daarom of er recent veel kalium is bemest of laat bij twijfel een bodemanalyse uitvoeren om de verhouding tussen kalium en magnesium te beoordelen. Op basis daarvan kan worden bepaald of een magnesiumbron met kalium, zoals patentkali, geschikt is of dat een magnesiumbron zonder extra kalium, zoals bitterzout, een betere keuze is. Verschil met stikstof-, ijzer- en kaliumgebrekMagnesium-, stikstof- en ijzergebrek veroorzaken allemaal vergeling van het blad, maar de plaats waar de symptomen ontstaan verschilt. Dit komt doordat magnesium en stikstof mobiele voedingsstoffen zijn. Wanneer de plant een tekort heeft, verplaatst zij deze voedingsstoffen van de oudere naar de jongere bladeren. IJzer is daarentegen niet of nauwelijks mobiel binnen de plant, waardoor een tekort het eerst zichtbaar wordt in het jonge blad. Door goed te kijken welke bladeren als eerste verkleuren en hoe de vergeling eruitziet, is het vaak mogelijk om de juiste oorzaak vast te stellen. Voedingsstof Eerste symptomen zichtbaar op Kenmerkende symptomen Magnesium (Mg) Oude bladeren Vergeling tussen de nerven (interveinale chlorose), terwijl de nerven groen blijven. Bij een langdurig tekort ontstaan bruine necrotische plekken en kunnen oudere bladeren afsterven. Stikstof (N) Oude bladeren Gelijkmatige lichtgroene tot gele verkleuring van het hele blad, inclusief de nerven. De plant groeit trager en blijft vaak kleiner. IJzer (Fe) Jonge bladeren Vergeling tussen de nerven van jonge bladeren, terwijl de nerven groen blijven. Bij een ernstig tekort kunnen de bladeren vrijwel wit worden. Kalium (K) Eerst vaak oudere bladeren, bij ernstig tekort ook jongere bladeren Vergeling en later bruine, verdroogde plekken die vaak vanaf de bladrand naar binnen trekken. De bladranden kunnen verschroeid lijken (“randverbranding”). De plant kan slapper groeien en minder goed tegen droogte of stress bestand zijn. Goede bronnen van magnesiumMeststof Magnesium (%) Opmerkingen Bitterzout (Epsom salt) - (magnesiumsulfaat-heptahydraat, MgSO₄ · 7H₂O) ±10% Mg Snelwerkend, geschikt als bladvoeding. Heeft een neutrale pH-werking (verhoogt of verlaagt de pH niet). Kieseriet (magnesiumsulfaat-monohydraat, MgSO₄ · H₂O) ±16% Mg Snelwerkende bodemmeststof. Levert naast magnesium ook zwavel. Dolomietkalk ±10–13% Mg Langzamer werkende magnesiumbron. Verhoogt daarnaast de pH en is daarom vooral geschikt bij een zure bodem. Niet gebruiken als de pH al hoog is. Patentkali ±6% Mg Bevat naast magnesium ook kalium en zwavel. Geschikt wanneer zowel magnesium als kalium aangevuld moeten worden. Compost Laag Draagt op lange termijn bij aan de magnesiumvoorraad en bodemvruchtbaarheid. Toelichting Bitterzout (Epsom salt/Engels zout) en kieseriet zijn beide vormen van magnesiumsulfaat, maar verschillen in kristalwatergehalte en magnesiumpercentage. Bitterzout bevat magnesiumsulfaat met zeven watermoleculen (MgSO₄ · 7H₂O), terwijl kieseriet magnesiumsulfaat met één watermolecuul bevat (MgSO₄ · H₂O). Voorbeelden moestuingewassen met magnesiumtekort Foto @SuusP Kiwiblad met magnesiumtekort. Topic. Foto @formatc Komkommer met magnesiumtekort Topic. Gerelateerde forumtopicsMagnesium gebrek ingrijpen. Magnesium tekort. Mineralen toevoegen aan je grond. Magnesium gebrek kwaad voor druivenplant en vruchten?

Account

Navigatie

Zoeken

Account

Navigatie

Zoeken

Zoeken

Browser pushmeldingen instellen in uw browser

Chrome (Android)
  1. Tik op het slotpictogram naast de adresbalk.
  2. Tik op Machtigingen → Meldingen.
  3. Pas uw voorkeuren aan.
Chrome (Desktop)
  1. Klik op het hangslotpictogram in de adresbalk.
  2. Selecteer Site-instellingen.
  3. Zoek Meldingen en pas uw voorkeuren aan.